Acht ateliers, drie huurders vertrekken of overwegen dat, een vierde is allerlei constructies aan het bedenken om te kunnen blijven. De reden: almaar stijgende prijzen. Niet meer op te brengen voor de meeste kunstenaars, zegt die vierde: Wout Zweers. Het idee waarmee de ateliers in het Rozendaal na de vuurwerkramp verrezen, is verwaterd, volgens Zweers. Dat betekent een reëel risico dat ze zullen verdwijnen.
Roombeek werd van de kaart geveegd en herrees uit de as. Een nieuwe wijk met verbindingen tussen bewoners en functies. Oud en nieuw, volks en nouveau riche. Kunstenaars, die vanouds woon- en werkruimte vonden in de wijk, moesten daar een belangrijke rol in spelen. Faciliteren, dus. Op - deels in - het oude fabriekscomplex kwamen ateliers.
“Roombeek was een cultuurwijk en moest dat ook na de ramp blijven”, weet Zweers, die al voor de ramp een werkplaats in de wijk had en daar rete-actief was. “Langs de cultuurmijl, vlakbij de nieuwe locatie voor de AKI.” Maar dat idee is verwaterd, zegt de man die je een beetje als de nestor van cultureel Enschede kunt beschouwen. En er is niemand die dat idee van toen bewaakt.
Zweers heeft die handschoen nu opgepakt. Hij gaat in gesprek met De Woonplaats, eigenaar en verhuurder van de Rozendaal-ateliers. Om te beginnen.
Directe aanleiding voor Zweers’ zorgen zijn de gestegen prijzen voor die ateliers. Niet meer op te brengen voor de gemiddelde kunstenaar, stelt hij. “Als dat zo doorgaat, heb je straks leegstand. En dan? Ik wil weten hoe De Woonplaats de toekomst van deze ateliers ziet. Hoe zitten we hier over tien jaar?” Regeren is vooruitzien, dat idee. “Je bent het zomaar kwijt en wat je kwijt bent, heb je niet zomaar weer terug.”
Het zijn niet alleen de huurprijzen die zijn gestegen, weet Zweers. Dat geldt ook voor de OZB. “Die is drie keer hoger geworden in de afgelopen jaren.”
Onder die prijsstijgingen gaat een dieper probleem schuil, observeert Zweers. Huurverhogingen zijn inherent aan de bedrijfsvoering van een woningcorporatie. Zo’n corporatie doet waarvoor ze in het leven is geroepen: corporatiedingen. Verhuren, bouwen, renoveren. Niet per se het faciliteren van gemeentelijk cultuurbeleid. Laat staan in samenhang met andere ontwikkelingen op dat terrein.
De gemeente doet gemeente-dingen en bemoeit zich niet van nature met wat bij andere partijen hoort. “Neem de AKI”, zegt Zweers. Die dreigde te verdwijnen. Dat de gemeente daar misschien ook een rol in had, drong pas laat door. “‘Ja, daar gaan wij niet over, dat is aan ArtEZ,’ was de eerste reactie." Zweers - AKI-alumnus - heeft zich hard gemaakt voor behoud. "Het heeft veel moeite gekost om daar beweging in te krijgen.”
Het gevolg van die verkokering: de woningcorporatie voert de reguliere huurverhogingen door, de gemeente stelt een hogere OZB vast en zet beleid in om horeca- en culturele activiteiten te concentreren in de binnenstad. Als voorbeeld. “Er gebeurt niets meer op het plein hiervoor.” Zweers doelt op het vertrek van Gastrobar Bij Rozendaal in juni vorig jaar. Omgevings- en bestemmingsplannen zaten exploitatie in de weg. Het leidde tot een terugval in de aanloop naar het plein en de ateliers. “Wat is dan nog de meerwaarde van deze dure ateliers?”
Binnenkort strijkt Lunchroom Appeltjes van Oranje neer en zal die aanloop wel weer toenemen. Maar het zorgt voor onrust bij de huurders, weet Zweers. "Die weten niet wat hen te wachten staat, hoe de plek zich zal ontwikkelen. Sommigen vertrouwen het niet meer. Het geldt niet voor mij, maar er zijn er die het gevoel hebben dat De Woonplaats ons hier weg wil hebben. Dat ze alleen maar huurders zijn die geld opbrengen.”
Een gevoel dat wordt versterkt door gesprekken met medewerkers van de corporatie. “Die doen niets verkeerd en zijn van goede wil”, zegt Zweers, “maar ze praten vanuit een andere werkelijkheid.” Twee bloedgroepen die elkaar moeilijk vinden.
Hij vreest dat de visie waarmee de Rozendaal-ateliers zijn gebouwd niet alleen verwaterd is, maar verloren zal gaan. “De goede dingen in de stad moet je behouden. Dat kun je niet op z’n beloop laten.”
Zweers ziet legio mogelijkheden en kansen, maar dan is het wel zaak dat iedereen - woningcorporatie, gemeente en de culturele sector - weer aan boord is. “Er gebeurt echt wel wat in de stad. Neem Sickhouse, de residenties, de andere broedplaatsen. De AKI en Tetem, hier om de hoek. Koppel dat nou eens aan elkaar. Maak beleid, zorg dat het helder wordt.”
Of: weer helder wordt. De kern van Zweers’ pleidooi - gaat niet alleen over de plek waar hij werkt. Of over Roombeek. Als je goed luistert, gaat het over de vraag welke stad Enschede wil zijn, als het om cultuur en de kunsten gaat. Wat er voor nodig is om dat voor elkaar te krijgen. Wie daarin een rol kan - of moet - spelen.
Hoe de ontwikkelingen van de laatste jaren - rond broedplaatsen en het behoud van de AKI, bijvoorbeeld - versterkt en uitgebouwd kunnen worden. Zonder dat wat de stad heeft opgebouwd, de bestaande platforms, ateliers en initiatieven, sluipenderwijs ter ziele gaan.