Het is 6 augustus 1945. Kwart over acht in de vroege morgen. Elanora Gay, een B29-bommenwerper, opent op 9.500 meter hoogte de luiken, de zwaartekracht doet de rest. Little Boy, één enkele uraniumbom van 15 kiloton TNT, vaagt de Japanse stad Hiroshima van de kaart. In de Enschedese MuseumFabriek liggen een paar relieken, brokstukken van het weinige dat overbleef.
Drie dagen later ontplofte een tweede atoombom boven Japan. Ditmaal was Nagasaki het doelwit. In Hiroshima vielen tijdens de aanval zelf 78.000 doden. De tweede bom (Fat Boy) eiste in één klap 39.000 dodelijke slachtoffers (onder wie negen Nederlanders die daar krijgsgevangen zaten). Aan het eind van 1945 telde Hiroshima 140.000 doden. In totaal eisten deze enige twee bombardementen met atoomwapens naar schatting 250.000 doden.
Die doden meteen na de klap vallen als gevolg van een enorme drukgolf en de stralingshitte van een nucleaire explosie. Zesduizend graden, eentiende van een seconde lang. Onbeschermd organisch materiaal, dus ook een mensenlijf, verdampt. De drukgolf van de explosie verbrijzelt weefsel, met onder meer interne bloedingen als gevolg.
Tot bijna 2 kilometer rondom ‘ground zero’ breken branden uit. Die drukgolf is supersonisch en leidt een vuurstorm in, die tot een straal van 3 kilometer om zich heen grijpt. De stad, die vooral uit houten huizen bestaat, brandt in een oogwenk als een fakkel.
Die twee atoombommen leidden het einde van de Tweede Wereldoorlog in; dat is althans wat zich in de jaren erna in ons collectieve geheugen nestelt. Vreselijk, maar nodig. Maar dat verhaal klopt niet. De Amerikanen, die de beide nucleaire ‘Boys’ boven Japan afwerpen, veroveren het ene na het andere eiland en territorium op het enige nog overgebleven land dat de Tweede Wereldoorlog ontketende.
Lees verder onder de afbeelding.
Japan weet dat het verloren heeft. Sterker: het oorlogskabinet van de Japanse keizer heeft al besloten te capituleren. Maar ze willen bij overgave voorwaarden stellen. De goddelijke status van de keizer moet behouden blijven, geen Amerikaanse bezetting, zelf demilitariseren en oorlogsmisdadigers berechten. En ze hebben een bondgenoot die daarbij kan bemiddelen: Rusland, dat neutraal is gebleven.
Amerika eist onvoorwaardelijke overgave. Drie dagen na ‘Little Boy’ komt het crisisteam van de keizer, de Opperste Oorlogsraad, voor het eerst bij elkaar. Die Amerikaanse eis is het enige agendapunt. Hiroshima speelt geen rol in dat overleg. Dat de leden pas drie dagen na die allesverwoestende klap bij elkaar komen, is omdat een aantal van hen belangrijker dingen te doen had.
Nu zitten ze wel bij elkaar. Gisteren heeft Rusland hen de oorlog verklaart. Vanochtend, in alle vroegte, zijn de Sovjets Mantsjoerije binnengevallen, de Chinese provincie die door Japan is bezet. Dat kwam als een donderslag bij heldere hemel. Als tijdens het overleg het nieuws binnenkomt dat ook Nagasaki door een atoombom is getroffen, maakt dat geen enkele indruk.
Lees verder onder de afbeelding.
De leden van de Opperste Oorlogsraad hebben wel wat anders aan hun hoofd. Hun beoogde bemiddelaar in de laatste confrontatie met de Amerikanen, die van een vredesbespreking, is weggevallen. Bovendien moet Japan nu een op twee fronten vechten, een strijd die al verloren is.
Op 15 augustus, een kleine week later, galmt de goddelijke stem van de keizer door tienduizenden blikken speakers: Japan capituleert. Het is de eerste keer dat de keizer zich rechtstreeks richt tot de stervelingen waarover hij heerst.
Little en Fat Boy hebben op die overgave nauwelijks of geen invloed. Maar Amerika heeft belang bij een lezing van afschrikking en angst. Terreur, zoals eerder uitgestort over Duitse steden zoals Dresden. Maar dan in een hogere versnelling.
Jawel, Harry Truman, de Amerikaanse president, denkt dat inzet van die bom het einde van de oorlog zal bespoedigen en daarmee soldatenlevens zou redden. Maar Truman heeft nòg een motief: hij wil de wereld laten zien waartoe Amerika in staat is. In het bijzonder Joseph Stalin, de dictator van de Sovjet Unie. De Tweede Wereldoorlog is bijna voorbij. Wat gaat volgen, is een race om heerschappij.
De eerste test met een atoombom, In juli 1945, was een succes. Met dank aan Robert Oppenheimer (over wie in 2023 een film zal verschijnen). Amerika heeft een wapen in handen met een ijzingwekkende vernietigingskracht, eentje waarop Duitsland zijn zinnen had gezet. Maar ook Rusland werkt aan zo’n bom.
Lees verder onder de afbeelding.
Hiroshima wordt niet toevallig als doel gekozen. De stad is niet eerder gebombardeerd en ligt in een kom, omringd door bergen. Die ligging versterkt het effect van zo’n nucleaire explosie. Een effect dat op zo’n nog ongeschonden stad maximaal zichtbaar zal zijn. 'Little Boy' is een eerste zet op het schaakbord van de Koude Oorlog die zal ontbranden als Japan zich overgeeft.
Daar komt bij dat je alleen bommen kunt gooien als het oorlog is. Als Amerika zijn punt wil maken, moet dat nu gebeuren.
Twee stukken dakpan zijn het, die de Enschedese MuseumFabriek in depot heeft. Scherven die dit verhaal vertellen. Aan het begin van hun reis van Hiroshima naar Enschede staat een boeddhistische monnik, een getuige van die allereerste en bijna laatste atoombom op een stad vol mensen. Ze zijn afkomstig van de tempel waar hij diende, op vijftig meter van de plaats van inslag. Hij raakte ernstig verbrand maar overleefde als door een wonder.
In 1951 vond de wereldgemeenschap het welletjes: Japan, dat tot dan toe door Amerika bezet was, mocht weer meedoen op het diplomatieke toneel. Landen stuurden militairen en - vooral - diplomaten, die moesten verkennen in welke vorm die nieuwe verhouding moest worden gegoten. Nederland deed dat ook. Eén van de diplomaten die dat klusje moest klaren, was een Tukker, Dirk Willem van Wulfften Palthe. Roepnaam: Pim.
Lees verder onder de afbeelding.
Van Wulfften Palthe, geboren in Hengelo (1921), bezocht Hiroshima en trof daar een monnik met een missie. Die gaf hem een paar stukken dakpan mee, zoals hij alle buitenlanders die zijn stad aandeden zo’n souvenir meegaf. Met een certificaat, opgesteld in het Engels en in het Japans: ‘Dit stuk dakpan werd getroffen door hittestralen van 6000 graden Celsius’.
Bij de explosie van een atoombom. Die bovenkant van die pannen is gekristalliseerd, een chemisch proces dat zich in fractie van een seconde voltrok. Dat moest de wereld weten.
Een handvol van die dakpannen uit Hiroshima is in museumcollecties beland. Een paar in de Verenigde Staten en Australië, en in Enschede.
Over de aanleidingen die het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië en de capitulatie van Japan inluidden, verscheen in 2014 een artikel van historicus Niels Mathijsen in ‘De Correspondent’. Dat is voor een deel gebaseerd op ‘De bom moet barsten’, de Nederlandse vertaling van ‘Atomic Diplomacy’ van de Amerikaanse geschiedschrijver Gar Alperovitz uit 1965.
In 2005 verscheen ‘Racing the Enemy: Stalin, Truman, and the Surrender of Japan’ van de Japans-Amerikaanse historicus Tsuyoshi Hasegawa, die gebruik maakte van alle beschikbare bronnen: Amerikaanse, Russische en Japanse. In dat werk laat Hasegawa zien dat de capitulatie van Japan niet zozeer het gevolg was van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki, maar vooral van de Russische oorlogsverklaring en aanval op door Japan bezet gebied.
De lezing over de Japanse capitulatie in dit artikel is een summiere samenvatting van die publicaties.