Het moet een ongebreidelde groei van het aantal medewerkers voorkomen, maar tegelijkertijd is het geen harde grens. Met het invoeren van een 'formatieplafond' wil het college van B&W de omvang van de ambtelijke organisatie in ieder geval een beetje in de hand houden. Het is al langer een wens om ook te bezuinigen op de eigen organisatie, maar doorgaans neemt het aantal fte in de eigen organisatie alleen maar toe. Zeker als ook de inhuur van extern personeel wordt meegerekend.
In Enschede is in 2013 al besloten dat de ambtelijke organisatie moest inkrimpen. Op dat moment waren er circa 1.500 ambtenaren werkzaam bij de gemeente. Volgens de laatst beschikbare cijfers telt de gemeente nu ongeveer 1.800 medewerkers. De personeelskosten van organisaties die zijn opgericht om gemeentelijke taken uit te voeren - zoals Sportaal (2017), Omgevingsdienst Twente (2019), Recreatieschap Twente (2022) en SamenTwente (2022) - vallen niet onder de gemeentelijke bezetting.
De gemeenteraad heeft vorig jaar besloten dat er in de komende jaren structureel 7,6 miljoen gesneden zal worden in eigen vlees. Zonder dat daar een concrete invulling aan wordt gegeven, bijvoorbeeld door specifieke taken af te stoten. De bezuiniging zou gerealiseerd moeten worden door 'toekomstgericht organiseren'. Onder meer de toepassing van kunstmatige intelligentie (AI) en verdere digitalisering. Netto krimpt de organisatie met 20 fte.
Om te voorkomen dat het voornemen om te bezuinigen weer tot een uitbreiding van het personeelsbestand leidt, is in het coalitieakkoord van afgelopen zomer opgenomen dat er een formatieplafond komt. 'Nieuwe taken, veranderende wetgeving en bestuurlijke ambities kunnen leiden tot een andere behoefte aan personele capaciteit', aldus B&W in een brief aan de gemeenteraad. 'Tegelijkertijd willen we voorkomen dat alleen het hebben van beschikbare financiële middelen automatisch leidt tot uitbreiding van de formatie.'
Maar hoe groot mag die formatie zijn? Dat wordt pas ergens in december bekend gemaakt. Waarschijnlijk zal dat ongeveer gelijk zijn aan de (benodigde) capaciteit op dat moment, inclusief de inhuur van externe medewerkers. 'Uitgangspunt is dat een behoefte aan extra capaciteit eerst binnen de bestaande formatie wordt opgelost', schrijft het college. Dat kan betekent dat er met medewerkers tussen afdelingen wordt geschoven of dat bepaalde niet-noodzakelijke taken worden uitgesteld.
In het uiterste geval, als een capaciteitsvraag niet binnen het bestaande formatieplafond kan worden opgelost, kan het college toch besluiten dat er een uitbreiding van de organisatie mogelijk is. Tot nu toe werden dit soort beslissingen gewoon intern genomen. Vanaf 1 januari wordt een uitbreiding van het aantal medewerkers - als daarvoor extra budget nodig is - eerst voorgelegd aan de gemeenteraad.