Verkeer
Stuur appje
Zoek

Begint het circus rond de zaak Ardesch opnieuw? (1): was hij nou een klokkenluider of niet?

Gertjan Ardesch - De Spinnerij
Beeld: Ernst Bergboer

Een geklapte schikkingspoging. Verschillende lezingen over de aanleidingen daarvoor. Raadsvragen om daar duidelijkheid over te krijgen, die niet volledig beantwoord zijn. En een bijna onvermijdelijke nieuwe rechtszaak. De zaak Ardesch leek opgelost, maar dreigt opnieuw te verzanden in een slepend kat-en-muisspel tussen het Enschedese college, de raad en de ondernemer. Daarbij lijkt één vraag centraal te staan: was Ardesch nou een klokkenluider of niet?

Gertjan Ardesch was ondernemer, tot hij in conflict raakte met samenwerkingspartner en opdrachtgever gemeente Enschede. Aanleiding: hij was klokkenluider in een foute vastgoeddeal en werd hard aangepakt door vastgoed-ambtenaren en de kopende partij. Er volgden jaren van strijd, politieke vragen en gedraai met de waarheid. Tot het college in 2024 kwalijk overheidshandelen toegaf en schuld bekende.

Dat wil zeggen: het college gaf toe dat het ten onrechte en te snel naar de rechter was gestapt. Dat Ardesch klokkenluider was, is niet erkend.

Klokkenluider of niet?

Ook de gemeenteraad kwam met een schuldbekentenis. Er volgden een onderzoek, debatten en moties om ervoor te zorgen dat er geen nieuwe ‘zaak Ardesch’ meer zou kunnen komen. En om Ardesch te compenseren voor wat er fout ging. Dat laatste mislukte: in juni trok het college de stekker uit een schikkingspoging die bijna net zo slepend dreigde te worden als de kwestie zelf.

“Na de motie … heeft de gemeente in juli 2024 (zonder erkenning van aansprakelijkheid) aan dhr. Ardesch … een voorschot van € 30.000,-- betaald”

Leg je alle stukken die er over bekend zijn op een rij, dan lijkt dat terug te voeren op dat ene verschil van inzicht: was Ardesch nou een klokkenluider, of niet. Het college koerste op genoegdoening van geleden schade als gevolg van een onterecht gevoerde rechtszaak. Die rechtszaak draaide om schulden die Ardesch bij de gemeente had.

Anders gezegd: voor het college draait het, als het om Ardesch gaat, in de kern om een schuldenkwestie waarmee de gemeente aanvankelijk slordig omging en te snel naar de rechter stapte. En om wat vervolgens te lang werd ontkend. Of en in hoeverre Ardesch daar schade van heeft ondervonden, moest hij zelf aantonen. Toen dat niet lukte, ondanks toezeggingen, zette het college een punt achter de gesprekken over een minnelijke schikking.

zaak Ardesch - brief gemeente aan advocaat
Fragment uit de afsluitende brief van de gemeente aan de advocaat van Ardesch, 2 juni 2026.
Beeld: 1Twente

Ardesch zelf wijst sinds jaar en dag op het verband tussen die onterechte rechtszaak en zijn waarschuwingen uit 2015 voor zowel een deal met vastgoedontwikkelaar Walas, als voor die vastgoedontwikkelaar zelf. Aan beide zat een luchtje.

Hij was klokkenluider, zo stelt hij, en werd om die reden rücksichtslos op een zijspoor gerangeerd. Die schuld en die rechtszaak waren het breekijzer waarmee ambtenaren en de top van die vastgoedontwikkelaar dat konden doen. En die opzet werd jarenlang toegedekt. Met schade op bedrijfsmatig, persoonlijk, fysiek en mentaal vlak als gevolg.

Gertjan Ardesch - Jan de Lange - commissievergadering
Lees ook
Zaak Ardesch: Enschede trekt de stekker uit schikkingspogingen met ondernemer

Dat is meteen het verschil tussen schade als gevolg van het onschadelijk maken van een klokkeluider of een te snelle en onterechte rechtsgang: opzet of niet. Vergelijk het met het verschil tussen doodslag (in een opwelling) en moord met voorbedachte rade. Het effect is hetzelfde, maar er zit verschil in de weging van verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid, bewijslast en strafmaat. Daarbij, als Ardesch klokkenluider was, was er ook iets om de klok over te luiden: een foute vastgoedtransactie.

Uit brieven van de gemeente aan de advocaat van Ardesch blijkt dat aansprakelijkheid een heikel punt was; Ardesch' advocaat drong er op aan, de gemeente wilde die niet. 

Opzet verdoezeld

In de afwikkeling van de motie die Ardesch moest compenseren voor die schade, is de notie dat hij klokkenluider was niet meegenomen. Documenten die dat klokkenluiderschap aantonen zijn er wel,  maar werden door de gemeente niet verstrekt aan degenen die de kwestie onderzochten (Saxion en Pro Facto). Een tiental functionarissen dat bij die opzet betrokken was, is niet ingegaan op de uitnodiging van onderzoekers om te worden gehoord.

Gertjan Ardesch Stadhuis copyright Ernst Bergboer
Lees ook
Waar het onderzoeksrapport over de zaak Ardesch (te?) voorzichtig is: de vierde macht in Enschede

Het dossier over de zaak Ardesch bevat legio voorbeelden van opzettelijk handelen om een klokkenluider buitenspel te zetten. En om die opzet nadien te verdoezelen. Maar om de samenhang van dat handelen te zien en de vraag over dat klokkenluiderschap te kunnen beantwoorden, moet je het dossier kennen. En daar zit een probleem: het gaat om een omvangrijk dossier. De raadsleden die het verloop van de kwestie kenden en belangrijke details kenden, vertrokken na de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Of al eerder.

Vertrouwen op blauwe ogen

In de nieuwe gemeenteraad zit nog een enkeling die weet wat er heeft gespeeld en in staat is adequate vragen te stellen en het college te controleren op de beantwoording. Nieuwe raadsleden stellen vooral vragen over recente gebeurtenissen, zoals die geklapte schikkingsonderhandelingen.

Daarbij moeten zij afgaan op de informatie die het college daarover verstrekt. En daar schuilt een addertje onder het gras: dat college was en is partij. Los van de vraag met welke intenties die informatie wordt verstrekt, als er één kwestie is waarin blijkt dat de informatie van het college niet per definitie de werkelijkheid weerspiegelt, is het wel die zaak Ardesch.

Toch moet de raad het ermee doen; een onafhankelijk lezing over die onderhandelingen is er niet. Verslaglegging, met de handtekeningen van beide partijen, ontbreekt. Dat wil zeggen: als die er is, is het niet vrijgegeven. Dat maakt het voor de gemeenteraad lastig om te controleren of het college heeft gehandeld in de geest van de afspraken.

Gertjan Ardesch - raadszaal
Lees ook
Een voorlopig ‘onbevredigende’ afloop van de zaak Ardesch en de vragen die dat oproept

Opnieuw blijkt dat raadsvragen, over zowel recente gebeurtenissen als die uit het verleden, niet adequaat en volledig worden beantwoord. Daarover meer in een vervolgartikel. Vooralsnog lijkt het erop dat het circus rond de zaak Ardesch van voor af aan begint. En dat de ondernemer zelf weinig anders rest dan dat onafhankelijke oordeel over zijn zaak bij de rechter te halen.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie?
Tip onze redactie via mail of telefoon. Deze vind je op onze contactpagina.