De gemeente Enschede trekt een half miljoen euro uit om drugsgebruik in de stad terug te dringen. Met een campagne, voorlichting op scholen en een rioolwateronderzoek. Maar hoe effectief is die aanpak?
Sinds februari 2026 staan er grote reclameborden door Enschede. 'Coke aan je neus = bloed aan je handen.' 'Jouw drugdealer gaat over lijken. Waaronder dat van jou.' De slogans zijn onderdeel van de campagne 'Zeg Nee Tegen Drugs' van de gemeente. Een directe reactie op de uitkomsten van het rioolwateronderzoek dat in juni 2025 werd uitgevoerd.
In de podcast De lijntjes van Enschede gaan we dieper in op drugsgebruik in Enschede. In de laatste aflevering hebben we het met wethouder Harmjan Vedder over de campagne 'Zeg Nee Tegen Drugs'.
Uit dat onderzoek bleek dat er in Enschede dagelijks bijna 23.000 lijntjes cocaïne worden gebruikt. Omgerekend naar per duizend inwoners ligt dat op het niveau van Amsterdam. "Wij zijn wel geschrokken van de uitkomsten. Ik had echt niet verwacht dat het zo stevig zou zijn", vertelt wethouder namens de ChristenUnie Harmjan Vedder. "Je moet in ieder geval wel serieus nemen dat het drugsgebruik fors is. En dat wil ik niet. Dat wil ik niet voor onze stad."
De campagne is niet uit de lucht komen vallen. In november 2023 nam de gemeenteraad het amendement 'Drugsbestrijdingsfonds' aan. Daarmee werd 500.000 euro vrijgemaakt voor preventie van harddrugsgebruik, met een looptijd van drie jaar, van 2025 tot en met 2027. Het fonds is in samenwerking met instanties als de GGD Twente en verslavingszorg Tactus tot stand gekomen.
"Daar stond ook een duidelijke politieke opdracht in om aan preventie te doen, om een stevige campagne te doen gericht op de criminele gevolgen van drugsgebruik", vertelt Vedder.
Het plan richt zich op jongeren en jongvolwassenen van 12 tot 23 jaar. En dat is niet omdat uit het rioolwateronderzoek blijkt dat zij de grootste gebruikersgroep zijn. Dat kun je namelijk niet meten uit rioolwater.
Uit de Gezondheidsmonitor blijkt dat vier procent van de Enschedese jeugd heeft ooit drugs gebruikt anders dan cannabis, zoals XTC, cocaïne, paddos of lachgas.
Voor bewustwording zet de gemeente in op voorlichting op scholen via het programma 'Helder op School'. Voorlichting zou volgens de gemeente bij jongeren en jongvolwassenen het meeste effect hebben. Ook wordt er peer-to-peer-voorlichting gegeven op Enschedese festivals zoals Onder de Radar en Freshtival. Hierbij geven jongeren informatie over de risico’s die gepaard gaan met het gebruik van alcohol en drugs.
Voor professionals zoals horecamedewerkers, leraren, sportverenigingen, wijkcoaches worden trainingsavonden georganiseerd om handelingsverlegenheid rond drugsgerelateerde situaties te verminderen.
Vedder benadrukt dat de campagne niet alleen over gezondheidsrisico's gaat. "Mijn punt is: wees je ervan bewust dat drugsgebruik niet normaal is en niet onschuldig is. Even los van de verslavingsrisico's, houd je een heel ecosysteem in de hele wereld in stand rondom drugsgebruik. En daar vallen gewoon dodelijke slachtoffers."
De gemeente kijkt voor inspiratie naar Rotterdam, dat eerder vergelijkbare campagnes voerde. Vedder: "Die stevige campagnes, je weet nooit wat ze er precies aan hebben bijgedragen, maar je ziet in het rioolwateronderzoek in Rotterdam wel een afname. Als we dat in Enschede ook voor elkaar kunnen krijgen, ben ik een gelukkig mens."
Niet iedereen staat achter de aanpak. Verslavingszorgorganisatie Tactus werkt wel mee aan andere onderdelen van het plan, maar weigerde haar naam te verbinden aan de postercampagne. "Wij willen daar niet als afzender op zo'n poster bij staan, omdat wij echt zeker weten dat het geen gedragsverandering in de hand werkt", vertelt Jeannette Ooink van Tactus.
Volgens Ooink is een poster op zichzelf onvoldoende. "Je hebt altijd een samenhangend pakket van maatregelen nodig, langdurig, lange adem, met meerdere partijen, ook ouders. Ouders spelen ook echt een hele belangrijke rol in dit verhaal. En dat vraagt om durf om dat echt te gaan doen, want dan investeer je daarin, maar daar heb je dus niet morgen al een resultaat van."
Ze nuanceert: een poster kan hooguit werken als geheugensteuntje binnen een bredere aanpak. "Maar dan nog dat hele afschrikwekkende, daar heb ik toch echt mijn twijfels bij."
Vedder erkent het verschil van inzicht, maar wijst erop dat de politieke opdracht vanuit de gemeenteraad expliciet om een stevige campagne vroeg, gericht op de criminele gevolgen van drugsgebruik. "Kijk, wat goed is om te zeggen: de verantwoordelijkheid voor de posters ligt bij de gemeente. Wij hebben advies ingewonnen, onder andere bij Tactus. Maar uiteindelijk is de verantwoordelijkheid voor welke posters we naar buiten zenden bij ons."
Mario Delogu, al ruim 21 jaar jongerenwerker in Enschede, is eveneens sceptisch. Hij ziet in zijn dagelijkse werk dat zware drugs vooral leven bij jongvolwassenen van twintig jaar en ouder, niet bij de tieners met wie hij werkt. Zijn twijfels gaan verder dan alleen de doelgroep.
"Posters gaan niet zorgen voor gedragsverandering. Het is ook misschien meer voor de bühne. Als je zulke cijfers binnenkrijgt, moet je er als gemeente ook wat mee. Dan kunnen ze altijd zeggen: ja, we hebben dat geprobeerd."
"Ik heb best wel veel kritiek gekregen op het shockerende karakter van de campagne. Maar ik vind ook dat we het gesprek in de stad moeten aanjagen. Ik ben er ook van overtuigd: als wij te bang zijn om het gesprek te hebben over de criminele kant, wordt dat nooit benoemd. Het ergert me ook wel een beetje, dat er bijna een soort taboe is op het benoemen van hoe ernstig die drugswereld eigenlijk in elkaar zit."
Of de aanpak ook daadwerkelijk zorgt voor minder drugsgebruik in de stad, kunnen we pas beoordelen na het volgende rioolwateronderzoek in 2027.