Enschede heeft ruim 21.000 euro gevorderd van Gertjan Ardesch, zo valt op te maken uit een brief van deurwaarder Kroep Steghuis Ikink. Dat gaat om het bedrag dat de ondernemer de gemeente schuldig was na een rechtszaak. Eind 2024 gaf het college toe dat die rechtszaak ten onrechte was gevoerd en bood excuses aan. Ook de gemeenteraad bood excuses aan en gaf opdracht de zaak te onderzoeken en ervoor te zorgen dat Ardesch wordt gecompenseerd voor de geleden schade.
De zaak Ardesch draait om een langslepend conflict tussen ondernemer Gertjan Ardesch en de gemeente Enschede. Centraal daarin staat de verkoop van Spinnerij Oosterveld aan Walas, een foute deal met een foute partij. Ardesch was destijds belanghebbende en klokkenluider en werd voor de rechter gesleept. Ten onrechte, naar later bleek.
De excuusbrief van het college aan de gemeenteraad, eind 2024, loog er niet om. De gemeente had fout op fout gestapeld, de beginselen van behoorlijk bestuur waren geschonden, van stadsbestuur en organisatie had beter verwacht mogen worden, de rechtszaak was ten onrechte gevoerd en de raad en ook de Nationale ombudsman waren verkeerd ingelicht.
Inmiddels lopen er al geruime tijd onderhandelingen tussen de gemeente en de ondernemer over een ‘minnelijke schikking’, dan wel een compensatie voor geleden schade. Aanleiding daarvoor waren die brief en de excuses van het stadsbestuur en een onafhankelijke onderzoek, uitgevoerd door onderzoeks- en adviesbureau Pro Facto. Ook in dat onderzoek bleek dat de gemeente in deze kwestie scheve schaatsen reed.
Zaterdagochtend plofte er een brief bij Ardesch op de mat, afkomstig van deurwaarders- en incassobureau Kroep Steghuis Ikink. ‘Onze cliënte heeft ons opdracht gegeven om over te gaan tot het nemen van executiemaatregelen’, zo staat er te lezen. Ardesch moet binnen zeven dagen 21.431,56,- euro overmaken. Dat gaat om het bedrag waartoe de rechter hem in 2019 veroordeelde, vermeerderd met rente en executiekosten.
De gemeente heeft inmiddels bij herhaling en in verschillende bewoordingen toegegeven dat die rechtszaak ten onrechte is gevoerd, zowel schriftelijk als in debatten in de gemeenteraad. De onderhandelingen tussen Ardesch en de gemeente verkeren in een cruciale fase.
Signalen uit de hoek van beide gesprekspartners wijzen er op dat de gemeente bereid is de schade te betalen die rechtstreeks verband houdt met die rechtszaak maar dat Ardesch ook compensatie wil voor de gevolgen die de rechtszaak heeft gehad.
Ook in oktober 2022 viel er zo’n executiebevel van dezelfde deurwaarder bij Ardesch op de mat. Ook toen werden er onderhandelingen gevoerd over een minnelijke schikking, al had het college destijds nog niet erkend dat de gemeente fout zat. Dat was een vergissing, meldde de gemeente destijds al snel. Of dat nu ook het geval is, is nog niet duidelijk. De gemeente laat weten dat niet eerder dan maandag uit te kunnen zoeken.
Na verschijning van dit artikel kwamen Enschede en Kroep Steghuis Ikink met een verklaring. Volgens beide verklaringen heeft de gemeente geen opdracht gegeven om een aanmaning te versturen. Dat er bij de deurwaarder toch een executiebrief de deur uitging, is het gevolg van 'interne fout'. Een medewerker heeft daarbij een systeemmelding genegeerd om geen brieven te sturen.
Kroep Steghuis Ikkink stuurde een rectificatie en excuses naar Ardesch. Wat de aanleiding was om de brief te versturen en hoe het kan dat daarbij de systeemmelding werd genegeerd, blijft onduidelijk. De deurwaarder wilde geen verdere medelingen over de kwestie doen.