Coffeeshop Black Sea aan de Stadsgravenstraat in Enschede moet per direct zijn deuren sluiten. Dat is de conclusie van een uitspraak van de Raad van State. Burgemeester Roelof Bleker trok eerder de vergunning van de coffeeshop in en weigerde een nieuwe gedoogbeschikking te verlenen. Dit alles, omdat er volgens de burgemeester gevaar zou bestaan dat de vergunning wordt gebruikt om strafbare feiten te plegen. Tegen beide besluiten ging de eigenaar van Black Sea in beroep, maar uiteindelijk tevergeefs.
De perikelen rondom de coffeeshop hebben hun oorsprong in een doorzoeking door de politie in december 2023. In een naastgelegen pand, waarvan de vrouw van de coffeeshophouder eigenaar is, worden in totaal 10 kilo hasj, 63 kilo hennep en 235 joints aangetroffen. Ook ligt er voor bijna 128.000 euro aan contant geld. Het verhaal van de verdediging is dat deze voorraad zou toebehoren aan een huurder en dat daarmee niet alleen Black Sea, maar ook andere coffeeshops van softdrugs worden voorzien. Coffeeshops mogen volgens het gedoogbeleid 500 gram hasj of wiet voorhanden hebben, maar verkopen op een dag (veel) meer. Nieuwe voorraad moet dus worden aangeleverd en dat is per definitie illegaal.
Hoewel een door de burgemeester opgelegde sluiting van de coffeeshop, direct na de vondst van de softdrugs, geen stand houdt in de rechtbank, besluit Roelof Bleker na anderhalf jaar alsnog de vergunning in te trekken. Volgens de burgemeester is er namelijk meer aan de hand. Hij heeft het Landelijke Bureau Bibob om advies gevraagd. De strekking van dat advies is kortweg dat er een gevaar bestaat dat de vergunning is gebruikt voor het plegen van strafbare feiten (het voorhanden hebben van een te grote voorraad softdrugs) en het halen van financiële voordelen uit die strafbare feiten (witwassen).
Ter ondersteuning van dat standpunt wordt aangehaald dat er een schaduwboekhouding is gevonden en dat voormalige werknemers van de coffeeshop hebben verklaard dat er buiten de boekhouding om softdrugs is verkocht. Ook heeft de bank melding gemaakt van 'verdachte banktransacties'. Hoewel de eigenaar ontkent dat daarvan sprake is - omdat de drugs volgens hem aan iemand anders toebehoren - oordeelt de Raad van State nu dat de gemeente terecht een gedoogbeschikking voor de coffeeshop mocht weigeren en de horecavergunning mocht intrekken.
Daarmee volgt de Raad van State in grote lijnen een eerdere uitspraak van de rechtbank, in juni dit jaar. Omdat de gevolgen van die uitspraak groot zijn voor de eigenaar van Black Sea, mocht de coffeeshop de afgelopen maanden in afwachting van het hoger beroep openblijven. Nu er uitspraak in de zaak is gedaan, betekent dit dat de zaak per direct moet sluiten.