Je zou Frans Zeilemaker (80) een onruststoker kunnen noemen. Of, met een andere blik, iemand die van het kastje naar de muur is gestuurd en ten einde raad verhaal komt halen op het stadhuis. Met zijn zoon Peter (45), om wie de stampij die daar dinsdag ontstond draait. Daar worden beiden uiteindelijk weggestuurd. Onder politiebegeleiding.
Het is dinsdag, eind van de ochtend, als Frans de redactie op komt lopen. Hij komt van het stadhuis en heeft een verhaal. Het lukt niet om duidelijkheid te krijgen van de gemeente uit te komen en nu is hij het stadhuis uitgezet. Of wij het willen horen. Natuurlijk. Maar we gaan er waarschijnlijk niets mee doen, waarschuwen we hem op voorhand. Dat loopt anders.
Het is ergens halverwege februari, de exacte datum weet Frans niet meer. Peter ligt in de clinch met de chauffeur van het busje dat hem naar een activiteit moet brengen. Wat er precies aan de hand is, weet Frans niet. De vervoersdienst kon of wilde het niet vertellen. Peter slaat alleen flarden op van wat hij meemaakt. En dan nog; hij communiceert al even gefragmenteerd. Maar het gaat er kennelijk nogal fel aan toe.
De dienstdoende chauffeur duwt Peter’s rolstoel van de laadklep de straat op, stapt in en rijdt weg. Sindsdien zit Peter zonder vervoer. Frans rijdt hem met zijn eigen auto van en naar dagbesteding, zwemmen, therapie… Zo veel als dat gaat.
Ook mensen met een meervoudige beperking hebben een weekprogramma. Net als ieder ander mens. En dat is voor hen zo belangrijk. In praktisch opzicht, maar ook als het om hun welzijn gaat. Peter is een forse man en het is een heel geheister om hem voorin en de rolstoel opgevouwen achterin te krijgen. Frans is tachtig. “Dat gaat eigenlijk niet meer.”
Waarom dat vervoer is gestopt, weet Frans niet. “Het pasje is geblokkeerd”, krijgt hij te horen als de Regiotaxi half maart ineens niet komt opdagen en hij de Wmo-vervoerder belt. Voor verdere vragen moet hij maar contact opnemen met de gemeente. Dat doet hij, maar daar wordt hij niets wijzer van. Was dat incident zo ernstig, dan?
Hij doet navraag bij een aantal chauffeurs; Peter heeft sinds jaar en dag Wmo-vervoer. Of zij weleens last met hem hebben. Of hebben gehad. Niet. Het is een lieve jongen, zeggen zij.
Frans tast in het duister. Hij weet niet wat de aanleiding was voor het beëindigen van het vervoer voor zijn zoon. Of gaat het om een schorsing? En hoe lang duurt die dan? De gemeente heeft telefonisch aangegeven dat er eerst een medisch onderzoek gedaan moet worden. Maar waarom dan? Peter is al 45 jaar meervoudig gehandicapt, in zijn situatie of conditie is niets veranderd. En wanneer gaat dat onderzoek plaatsvinden?
De gemeente kan om privacyredenen niet ingaan op vragen over individuen, maar geeft in algemene termen aan dat wijzigingen in een Wmo-voorziening, zoals vervoer, altijd moeten worden vastgelegd in een formeel besluit. Het kan wel voorkomen dat zo’n voorziening tijdelijk niet wordt uitgevoerd omdat er nog onderzoek loopt. Of omdat gezocht wordt naar een meer passende voorziening.
Soms speelt mee dat zo’n voorziening onder een andere wettelijke regeling gaat vallen: niet meer onder de Wmo onder de Wet langdurige zorg (Wlz). ‘Zeker bij vervoer kan er een situatie ontstaan waarin regelingen niet goed op elkaar aansluiten’, schrijft de gemeente in een reactie. En: ‘Uitgangspunt is dat een inwoner niet de dupe mag worden van verschillen tussen regelingen’.
De gemeente is weliswaar verantwoordelijk voor de zorg aan inwoners, maar speelt daarin een bemiddelende rol tussen partijen die die zorg moeten leveren: zorgorganisaties en in dit geval ook de Regiotaxi. ‘Deze situatie heeft onze volle aandacht’, schrijft de gemeente tot slot. ‘Daarnaast bespreken we dit soort knelpunten ook in algemene zin met zorgkantoren, zodat we dit beter kunnen organiseren in de toekomst.’
In het stadhuis geldt het gemeentelijke beleid op grensoverschrijdend gedrag, net als in andere publieke gebouwen. Inwoners en bezoekers moeten zich veilig voelen. Wie de normale gang van zaken verstoort - ‘bijvoorbeeld door langdurige en heftige emoties’ - krijgt een waarschuwing. Helpt dat niet, dan kun je eruit gezet worden. ‘In uitzonderlijke gevallen kan ondersteuning worden gevraagd om de rust en veiligheid te waarborgen’.
Er is nog iets geks: zo’n vervoersvoorziening op grond van de Wmo is een recht. De gemeente neemt daar een beslissing over waartegen je in bezwaar kunt, als je het er niet mee eens bent. Nu is die voorziening gestopt. Of opgeschort. Maar dat is hem alleen telefonisch meegedeeld. Niks beslissing, niks op papier. Hij heeft geen enkele mogelijkheid om dat aan te vechten.
Hij is vandaag, met zijn zoon, naar het stadhuis gegaan. Om antwoord te krijgen op die vragen. Alle eerdere pogingen zijn op niets uitgelopen. Maar ook aan de balie van het stadhuis krijgt hij nul op het rekest. Nee, er is niemand beschikbaar om hem te woord te staan. “Dan blijf ik zitten. Tot er wel iemand beschikbaar is.”
Het leidt tot een woordenwisseling en een waarschuwing: vertrekken of de politie wordt erbij gehaald. Frans laat het er op aankomen. Als de agenten zijn opgetrommeld, gaat hij mee. De zaak nog verder op de spits drijven heeft geen zin. Hij krijgt te horen dat hem de toegang tot het stadhuis is ontzegd.
Het zal hem niet verbazen als hij daarover vandaag of morgen wèl een schriftelijke bevestiging krijgt.
Dit incident staat niet op zichzelf, zo lijkt het. Afgelopen donderdag stelde Zera Ceben, gemeenteraadslid voor BurgerBelangen Enschede, vragen naar aanleiding van een andere situatie waarin dezelfde vervoerder niet kwam opdagen. Wethouder Harmjan Vedder noemde dat 'onacceptabel' en stelde dat er gesprekken met de vervoerder gaande zijn. Hij heeft een waarschuwingsbrief geschreven en sluit verdergaande stappen niet uit.