De Enschedese wethouder June Nods (D66) bleef vrij moeiteloos overeind bij een motie van wantrouwen. Een ruime meerderheid stemde gisteravond tegen. Maar in het debat over de kwestie bleek dat het wantrouwen tussen de verschillende fracties in de gemeenteraad diep zit.
Het was CDA’er Mart van Lagen die de vertrouwensvraag in de vorm van een motie opwierp. Aanleiding was het feit dat Nods had ingestemd met een nieuw contract met Twence, zonder dat de gemeenteraad daarin voldoende was betrokken.
“U bent daarmee een rode lijn gepasseerd”, zie van Lagen. Volgens de CDA’er wist de wethouder dat verschillende partijen nog wijzigingsvoorstellen voor dat contract wilden doen en geheime stukken wilden inzien, maar heeft ze desondanks besloten om er toch mee in te stemmen tijdens de aandeelhoudersvergadering van 2 december.
Tijdens de voorlaatste raadsvergadering, eind november, is de bespreking van dat contract met Twence van de agenda gehaald. Daarbij werd door zowel de burgemeester, in zijn rol als voorzitter, als de griffier aangegeven dat behandeling voor die aandeelhoudersvergadering niet meer mogelijk was. Er was simpelweg geen gaatje meer in de volgepropte raadsagenda.
Nods beriep zich daarnaast op het feit dat pas heel laat bekend werd dat er geen juridische mogelijkheid bestond om onder voorbehoud te stemmen. Op de ochtend voorafgaand aan die vergadering meldde zij in een brief aan de raad dat zij dus zou instemmen met de tekst van het contract met Twence. Een antwoord van raadsfracties daarop om dan niet te tekenen, las zij pas na afloop van de vergadering.
Daarbij is, zo stelde Nods, het college bevoegd om te beslissen en te ondertekenen en bestaat er geen verplichting om de raad daarin mee te nemen. Dat de raad daar toch in is gekend, en al vroegtijdig, betekent dat het college juist zorgvuldig met die besluitvorming om wilde gaan, zo stelde zij.
Gertjan Tillema, fractievoorzitter van D66, herinnerde eraan dat het voorstel voor instemming met de nieuwe contracttekst lag op 30 augustus al bij de raad lag. “Daarbij wist de raad dat er op 2 december besloten moest worden. Wij hebben zelf niet bijzonder veel haast gemaakt om het te agenderen. Maar als al gedreigd wordt met een motie van wantrouwen, heeft debatteren niet veel zin meer.”
Van Lagen reageerde daarop dat hij nog aanvullende vragen had over geheime stukken, die er pas veel later bij kwamen. “Er was geen stemming, er was geen formeel raadsbesluit, er was geen formele meerderheid en er waren constant vragen bij een deel van de raad.” Hij zei de verdediging van de wethouder niet te begrijpen. “U wist waar de pijnpunten zaten.”
De CDA’er kreeg bijval van diverse andere partijen uit de oppositie. Erwin Versteeg van de Groep Versteeg vond de gang van zaken ‘onacceptabel’. “Dit slaat nergens op.” Margriet Visser van Enschede Anders vond de beantwoording ‘ver onder de maat’ en ‘miste politieke sensitiviteit’. Ook Arjan Brouwer vond dat er een rode lijn was overschreden. “U hebt ons op het verkeerde been gezet. Dat neem ik u hoogst kwalijk.”
Ongenoegen over de harde toon van de oppositie was er bij fractievoorzitter van de ChristenUnie Henri de Roode. “Er wordt heel veel lawaai gemaakt, maar een minderheid van de raad kreeg een meerderheid mee om dit van de agenda te schrappen en speelt nu de vermoorde onschuld. Het is te gek voor woorden. Ik ben er helemaal klaar mee.”
Ook René Kreeft van de VVD had kritiek. Hij vond dat instrumenten als zo’n motie van wantrouwen ‘sleets’ zijn geworden. “Die worden onbedoeld en ondemocratisch als breekijzer ingezet om toch je zin maar te krijgen.”
GroenLinks woordvoerder Jelle Kort stelde van frustratie bijna geneigd te zijn een zak met kruidnoten die naast zijn scherm lag leeg te eten. “Er is een flink aantal fracties die steeds meer tijd consumeren en waardoor we steeds minder effectief zien. De wethouder heeft vragen goed beantwoord, het lijkt wel of daar niets van aan komt. Dat is schadelijk voor de democratie en schadelijk voor deze stad.”
Kortom: veel ging niet zozeer om de inhoud maar vooral om de vorm. En daaruit bleek dat misschien niet alleen raadsinstrumenten als motie’s van wantrouwen aan sleetsheid onderhevig zijn, maar dat ook fracties zich aan elkaar hebben stuk geschuurd in de voorbije raadsperiode.
Van Lagen diende toch nog zijn motie van wantrouwen in - “Anders zit ik hier voor niks, als volksvertegenwoordiger” - maar die haalde geen meerderheid.