Bij de boer op het erf, of in de spreekkamer kleine huisdieren onderzoeken: André Groeneveld (65) deed dat het allerliefste. Na ruim 38 jaar stopt zijn carrière als dierenarts dan echt. “Nu gewoon genieten van de vrije tijd.”
Sinds kinds af aan had Groeneveld al een connectie met dieren. Hij groeide op met dieren bij hem thuis. Op vrije dagen mocht hij dan ook met de dierenarts uit het dorp Beuningen, waar André opgroeide, mee op pad. “Als kleine jongen was ik al gek van dieren,” vertelt dierenarts Groeneveld. “Ik vond dat zo geweldig hè, ieder vrij uurtje was ik met hem mee.”
Toen Groeneveld vroeger een studiekeuze moest maken, wist hij meteen dat hij dierenarts wilde worden. Helaas werd hij uitgeloot en heeft hij eerst twee jaar biologie gestudeerd in Groningen. Ondertussen bleef hij het proberen bij de studie diergeneeskunde en na twee jaar lukte dat. Toen is hij verhuisd naar Utrecht en begon hij aan zijn studie. “Hele mooie studie, en ook nog eens lekker snel verlopen,” vult Groeneveld aan.
“Ik had het idee dat ik in Twente aan het werk zou willen, ik ben een rasechte Tukker.” Gelukkig kon hij uiteindelijk aan het werk in Ambt Delden. Daar heeft hij uiteindelijk drieënhalf jaar gewerkt. Via de familie Olde Riekerink is hij daarna in Ootmarsum terechtgekomen. Uiteindelijk is hij samen met oud-collega Karel Meijers dierenarts geworden van de omgeving Ootmarsum, onder de naam Dierenartspraktijk Ootmarsum/Reutum.
In 2000 werkte hij samen met Meijers steeds vaker in Denekamp en Tilligte. Uiteindelijk zijn ze overgegaan naar Dierenartsenpraktijk Noordoost Twente. “Samen met meerdere dierenartsen werd het Noordoost Twente. Dat is een beetje hoe het verlopen is in een notendop,” vult Groeneveld aan.
Op pad met AndréOp melkveehouderij Veneklaas, bij Erwin Veneklaas, is André voor een maandelijkse begeleiding, in dit geval een drachtbegeleiding. In de jaren is er veel veranderd, bijvoorbeeld door de technologie. Waar je vroeger handmatig moest voelen of de koe drachtig was en niet zeker wist of het leefde, gaat dat nu door middel van een echoapparaat. “Ik bin gene techneut, maar als er vruchtwater in de baarmoeder van de koe zit, dan geeft dat een andere brekingsindex. Het kalfje heeft weer een verschillende index, namelijk een witte. De kans is dan groot dat er een kalfje in zit. Wanneer een koe drachtig is, betekent dat dat zij zwanger is. Tja, dat weet de meeste leu ok nig hè,” vertelt Groeneveld lachend.
De grootste veranderingen zijn de computers en smartphones. Tegenwoordig, als je dienst hebt, bellen mensen op je telefoon, maar vroeger was dat heel anders. “Als ik dienst had en op pad was en een andere boer belde, moest mijn vrouw daarvoor bij de telefoon blijven om die op te nemen, anders wist ik niet dat die boer gebeld had.” Groeneveld vindt de oude tijd mooi, maar vindt de technologie ook belangrijk. “Het wordt er allemaal een stuk makkelijker door.”
Het mooiste van het vak vindt Groeneveld een lastige vraag. Waar hij euthanasie zielig vindt, vindt hij het ook ergens wel mooi. Bijvoorbeeld een gebroken poot van een dier ingipsen en dan weken later zien dat het dier het weer goed doet, dat vond hij het allermooiste. Groeneveld: “De succesjes die je kan behalen, die vind ik het allermooist.”
Op de vraag aan André wat hij nu gaat doen, zegt hij: “Ik ga lekker hobby’s uitoefenen. Ik ben sinds kort begonnen met bierbrouwen, gewoon op kleine schaal in de achtertuin. Dat vind ik een geweldige hobby,” maar vooral “lekker genieten van het vrijetijdsleven.”