Antek Olszanowski is op woensdag 21 oktober overleden. Met hem verliest Hengelo een maatschappelijk betrokken inwoner die een groot deel van zijn leven streed tegen discriminatie. Olszanowski was jarenlang directeur/bestuurder van antidiscriminatiebureau Artikel 1 Overijssel, waar hij zich bezighield met bestrijden van racisme, vooroordelen en uitsluiting.
Als directeur/bestuurder van Artikel 1 Overijssel pakte Olszanowski discriminatie op alle fronten aan. Zo zette hij niet alleen meldpunten op en behandelde hij discriminatieklachten, ook zette hij in op preventie door projecten op basisscholen op te zetten over vooroordelen, respect, pesten en racisme.
De beste manier om elkaar te begrijpen en erachter te komen waarom een ander anders naar de wereld kijkt, was volgens hem simpelweg door het aangaan van een gesprek. "Een dialoog brengt de ontmoeting tot stand", zei hij tijdens de Dag van de Dialoog in 2008.
Olszanowski constateerde in die tijd hoe tegenstellingen tussen allochtone en autochtone jongeren groter werden en ook hoe mensen steeds vaker verwachten dat anderen maatschappelijke problemen voor hen wel even zouden oplossen. "Mensen vergeten hun zelfhandelingsvermogen in te zetten om een probleem op te lossen. Die dagelijkse vaardigheden zijn in het slop geraakt."
De Hengeloër vond destijds dat het gesprek aangaan zelfs het traditionele noaberschap, waarbij buren voor elkaar klaarstaan, een extra duwtje in de rug kon geven.
Mensen betrekken bij een maatschappelijke onderwerpen was een aanpak die Olszanowski veelvuldig toepaste, bijvoorbeeld rond het thema seksuele diversiteit en de acceptatie van homo's, lesbiennes, biseksuelen en transgenders.
Toen Enschede in 2017 een kunstwerk in de binnenstad wilde om uit te dragen dat de gemeente een regenboogstad is, zag Olszanowski het niet zitten dat een klein gezelschap even zou bepalen wat er kwam te staan. Nee, de stad moest meepraten. "We gaan in discussie en uiteindelijk mag iedereen stemmen op de kunstwerken", zei hij.
Beeldende kunst was voor Olszanowski vaker een manier om een gesprek op gang te brengen. Hij was samen met Pier van Dijk initiatiefnemer voor het oprichten van Stichting HeArtpool met als doel om beeldende kunst in Hengelo te stimuleren. De stichting is onder meer bekend van de Wolvecampprijs, een tweejaarlijkse nationale prijs voor de schilderkunst.
De belangstelling van Olszanowski voor beeldende kunst en het aanpakken van discriminatie kwam bij elkaar in het verhaal van Joseph Sylvester en Anna Marie Borchert, beter bekend als Menthol en Roosje. Olszanowski was verknocht aan het verhaal en gebruikte dit stukje geschiedenis van de stad om gesprekken over een multiculturele samenleving op gang te brengen. "Menthol is misschien wel de populairste Hengeloër aan het worden sinds mensenheugenis," zei hij in 2016.
Menthol was een zwarte marktkoopman die in de jaren twintig van de vorige eeuw in Hengelo terechtkwam en verliefd werd op een vrouw in de stad. Die relatie zorgde zeker in die tijd voor grote opschudding en veel inwoners zagen voor het eerst een zwarte man. Het stel trouwde in 1928.
Artikel 1 organiseerde een Menthol-week, er werd een plaquette bij het graf van Menthol geplaatst en er kwam een antidiscriminatiemonument in de stad als eerbetoon: een groen herinneringskunstwerk in de vorm van een bankje op de hoek van de Enschedesestraat en de Drienerstraat, vlakbij het huis waar Roosje Borchert in 1893 werd geboren. Bij het kiezen van een passend kunstwerk werden de inwoners van de stad betrokken. Zij mochten het mooiste ontwerp uitkiezen.
In 2018 stopte Olszanowski noodgedwongen om gezondheidsredenen met zijn werk voor Artikel 1 om het rustiger aan te gaan doen, al kwamen er gaandeweg toch ook weer nieuwe projecten op zijn pad.
Olszanowski was vele jaren betrokken bij het plaatsen van Stolpersteine in Hengelo, kleine stenen die ter nagedachtenis voor de huizen worden geplaatst waar slachtoffers van het naziregime woonden.
Voor de Hengeloër waren deze struikelstenen meer dan een herinnering aan gebeurtenissen van ruim tachtig jaar geleden of een manier om de verhalen achter de namen van deze vergeten inwoners weer zichtbaar te maken. "Ze zijn ook een boodschap aan de wereld van vandaag. We geven daarmee aan dat racisme iets is van alledag. We moeten altijd alert blijven", zei hij in 2020 bij 1Twente.
Met de actiegroep No Rail Hengelo verzette hij zich tegen een verdere toename van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor door Twente. Niet omdat de trein toevallig ook door zijn eigen achtertuin denderde, maar omdat hij vond dat de risico's voor de dichtbevolkte gebieden langs de spoorlijn te groot waren.
Toen in 2019 opnieuw plannen opdoken om meer vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor mogelijk te maken, wond hij er geen doekjes om. Tussen Deventer en Oldenzaal lagen volgens hem tienduizenden woningen pal aan het spoor. "Als je daar nog meer giftige stoffen over transporteert, dan ben je echt niet goed bij je hoofd", zei hij fel.
Olszanowski was bestuurslid van Stichting Bernhards Ontmoeting, die sociaal-culturele activiteiten rond het Prins Bernhardplantsoen organiseert. Een rol die hij met veel liefde en passie vervulde. Met die stichting zette hij onder meer acties voor daklozen op. In 2022 sliep hij met andere bestuursleden buiten om geld in te zamelen voor Sheltersuits voor daklozen.
In 2022 nam Stichting Bernhards Ontmoeting het initiatief voor Hengelo Heroes 1943, een grote muziektheaterproductie over de April-meistaking van 1943, de opstand die bij machinefabriek Stork in Hengelo begon en zich vervolgens over Nederland verspreidde.
Olszanowski wilde als één van de initiatiefnemers niet alleen deze geschiedenis vertellen, het ging hem ook om de vraag wat begrippen als verzet, vrijheid en democratie vandaag de dag nog betekenen. Hij wees daarbij op de oorlog in Oekraïne en op het afnemende vertrouwen in politiek en overheid. Zelf vatte hij dat later samen in de woorden: "Je moet het verleden kennen om het heden te kunnen begrijpen."
Hengelo Heroes 1943 kreeg een vervolg met Hengelo Heroes, Vrede en Vrijheid. Daarin verschoof de blik van Hengelo naar Europa, met aandacht voor de voormalige volksopstanden tegen communistische regimes in Berlijn, Poznań en Boedapest.
Opnieuw wilde hij van de voorstelling geen geschiedenisles maken waarin een zaal alleen maar naar het verleden keek. "Dit verhaal is ook van nu. De vrijheid en de democratie staan onder druk", zei hij voorafgaand aan de eerste voorstelling.
Bij het project werd samengewerkt met het ROC van Twente en werden jongeren betrokken. Over het betrekken van studenten zei hij dat het niet de bedoeling was om belerend te zijn. Nee, jongeren moesten volgens hem vooral zelf ontdekken waarom zo'n geschiedenis in de huidige tijd relevant kon zijn.
Een belangrijke boodschap die de laatste jaren steeds nadrukkelijker doorklonk in de projecten waarbij Olszanowski betrokken was, was mensen te laten nadenken over de samenleving waarin ze leven en over de lessen die uit het verleden kunnen worden getrokken.
Olszanowski maakte zich zorgen over toenemende polarisatie, racisme en discriminatie en over de manier waarop in de samenleving naar vluchtelingen en minderheden werd gekeken. In projecten rond oorlog, verzet en vrijheid legde hij daarom nadrukkelijk de link tussen het verleden en actuele maatschappelijke ontwikkelingen.
Zijn eigen familiegeschiedenis speelde daarbij een niet te onderschatten rol. Olszanowski was de zoon van een Poolse vader en een Oekraïense moeder die beiden door de oorlog uit hun geboortestreek waren verdreven en zich na de oorlog in Nederland vestigden. Zij leerden elkaar tijdens de Tweede Wereldoorlog kennen in een kamp in Duitsland. De oorlog dreef hen vervolgens weer uit elkaar, maar na de bevrijding vonden ze elkaar terug. Olszanowski zei daar jaren later zelf over dat hij zonder de oorlog niet zou hebben bestaan.
Olszanowski bleef zich de laatste jaren onvermoeibaar inzetten voor de onderwerpen die hem na aan het hart lagen, met een grote betrokkenheid bij de mensen om hem heen. Op de vraag wat hem dreef zei hij jaren geleden: "Het is mijn tweede natuur om er voor een ander te zijn. Die attitude moet je hebben in dit werk."
Antek Olszanowski is 72 jaar geworden.