“Als zorgondernemers mogelijk onterecht worden verdacht en daar jarenlang de gevolgen van ondervinden, moeten wij onszelf ook durven afvragen of onze aanpak wel zorgvuldig genoeg is.” Zo introduceerde PRO-raadslid Michael Spierings maandagavond het triplet vragen dat hij had voor wethouder Harmjan Vedder.
De vragen van Spierings hielden verband met recente berichtgeving bij onder anderen 1Twente over zorgondernemers die onterecht als fraudeur zijn bestempeld. Twente is, met Tilburg, een van de twee pilots in Nederland waar gemeenten sinds 2017 ervaring opdoen met het bestrijden van zorgfraude.
De Twentse aanpak wordt in bestuurlijke en politieke kringen succesvol geacht, maar er is geen aandacht voor de keerzijde van dat succes: er vallen ook slachtoffers. Nu die aanpak landelijk navolging krijgt, dreigt ook de schaduwkant ervan geëxporteerd te worden. Dat was de kern van de berichtgeving.
Spierings wilde weten hoe het college de berichtgeving beoordeelt, of ook in Enschede verkeerde informatie over gedupeerde zorgondernemers is doorgegeven en hoe het zit met de informatievoorziening richting die ondernemers. Onderdeel van de berichtgeving was ook dat getroffen ondernemers lang niet weten waarom zij worden aangepakt en grote moeite hebben om daarover informatie boven water te krijgen.
Vedder koos de lijn die hij ook vasthoudt in een klacht van zo’n tien getroffen ondernemers die een klacht wegens discriminatie bij de gemeente hebben ingediend: zorgvuldige en open klachtafhandeling, niet te snel naar conclusies. “Bij handhaving gaat het altijd om macht en bevoegdheid van een overheid en dat kan heel ingrijpend zijn voor burgers. En daarom moeten we altijd openstaan voor kritiek op hoe we dat doen.”
De wethouder wil ‘recht doen aan de klagers, maar ook aan onze medewerkers die naar eer en geweten hun werk proberen te doen’. “Ik realiseer me dat ik daarmee een beetje een enerzijds-anderzijdsverhaal houdt en uw vragen niet concreet beantwoord, maar ik wil die klachtenprocedure en het gesprek afwachten.”
Met dat gesprek doelde Vedder op een onderhoud met advocaten en getroffen ondernemers, dat binnenkort plaatsvindt op dringend advies van de Enschedese klachtencommissaris. “Dat wil ik eigenlijk afwachten.” De klacht, die werd ingediend met mensenrechtenadvocatenkantoor PILP, discriminatie.nl en antidiscriminatiebureau Vizier Oost, is neergelegd bij die klachtencommissaris.
Hij zei toe dat gesprek ‘open en met een luisterende houding’ aan te gaan - “We willen echt horen wat deze ondernemers hebben meegemaakt en welke verwijten zij ons doen.” - en daarna de raad te informeren.Na afronding van de klacht ook over de route die het college dan voor zich ziet. “Als we fouten hebben gemaakt, moeten we die onder ogen zien en daar verantwoordelijkheid voor nemen.” Maar niet te snel naar conclusies, was de boodschap.
Dat getroffen ondernemers moeite hebben om informatie over hun zaak boven water te krijgen, ziet Vedder als onderdeel van de klacht. Eerst die procedure en het gesprek, dan een vervolg. Anders ‘moet ik nu wegduiken of erkennen, terwijl ik niet weet wat en of er iets aan de hand is’.