De mannen van Touwtrekvereniging Oele zijn namens Nederland als zevende geëindigd op het wereldkampioenschap in Zuid-Afrika. In de klasse tot 560 kilogram bleek de internationale top zaterdag een maatje te groot. "Een ervaring rijker, een illusie armer”, luidt de eerste reactie van de ploeg.
Voor het eerst sinds 2019 stonden de Twentse touwtrekkers weer met een landenteam op een WK. De ploeg had vooraf voorzichtig op een plek bij de beste landen gehoopt op het toernooi in Zuid-Afrika, maar merkte in Mosselbaai al snel hoeveel kracht de concurrentie kon leveren. "Wat een power konden de landenteams leveren aan het touw”, blikt de ploeg terug. "We moesten alle zeilen bijzetten vanaf de start om de rode markering in het midden te houden, laat staan dat we ook maar aan iets aanvallends konden denken.”
Daar kwam bij dat Pim Brummelhuis al na de eerste trekbeurt uitviel met een spierblessure. Lars Bekhuis kwam als wissel in de ploeg, waardoor het toch al jonge Nederlandse team nog wat jeugdiger werd.
Nederland boekte een overwinning op België en speelde gelijk tegen Zuid-Afrika. Daar bleef het wat betreft de punten bij. Omdat de ploeg bovendien meer waarschuwingen kreeg dan de concurrentie, eindigde Nederland uiteindelijk op de zevende plaats. Hoewel de gehoopte hoge klassering uitbleef, overheerst bij de ploeg tevredenheid over het hele traject richting het WK.
De afgelopen maanden werd intensief getraind, onder meer samen met touwtrekkers van TTV OKIA uit Holten. Sinds januari trainden de touwtrekkers onder meer op harde ondergronden om de omstandigheden in Zuid-Afrika zo goed mogelijk na te bootsen. Bondscoach Wim Morskieft waarschuwde vooraf al dat de wedstrijden op het WK fysiek zwaar zouden worden, met weinig momenten om tijdens een trekbeurt rust te nemen.
Het halen van het maximale teamgewicht van 560 kilogram vergde na aankomst in Zuid-Afrika nog de nodige inspanning. Na de vliegreis zat de ploeg gezamenlijk ongeveer 6,5 kilo boven het toegestane gewicht. Met duurloopjes in regenpakken werden die laatste kilo’s er alsnog afgewerkt.
Een medaille leverde het Zuid-Afrikaanse avontuur uiteindelijk niet op, wel weer de nodige ervaring. Met de nodige zelfspot worden ook alvast verbeterpunten voor een volgend internationaal avontuur genoemd: "Meer trainen op basiskracht, leper worden en bovenal ouder worden.”
Een deel van het gezelschap reist daarna terug naar Nederland, anderen plakken nog een week vakantie aan de reis vast. Lang stilzitten is er vervolgens niet bij. Op 3 oktober staat voor Touwtrekvereniging Oele alweer het Driebondentoernooi op het programma.