Met tranen in zijn ogen vertelt Dinand Munnik zaterdag over zijn familie. De 29-jarige Enschedeër draagt tijdens de Indië-herdenking in het Blijdensteinpark zijn gedicht Mengelsmoesje voor. Daarin schrijft hij over zijn Indische afkomst, de ingewikkelde geschiedenis van zijn familie en de vraag die hij als kind vaak kreeg: waar kom je écht vandaan?
Bij het Indië-monument worden deze zaterdag de slachtoffers herdacht van de oorlog en de Japanse bezetting in Zuidoost-Azië. Op 15 augustus 1945 capituleerde Japan, waarmee voor Nederland een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. In Enschede wordt jaarlijks stilgestaan bij de slachtoffers en de gevolgen van de oorlog voor de Indische gemeenschap.
“Intens”, noemt Munnik de herdenking na afloop. “Je zit hier en er hangt een aura van emotie. En dan die stilte.” Voor de 29-jarige Enschedeër is de geschiedenis niet ver weg. Zijn opa maakte de oorlog mee, maar sprak daar weinig over. Maar Munnik wilde weten wat zijn familie had meegemaakt.
Die zoektocht naar zijn afkomst loopt als een rode draad door zijn gedicht Mengelsmoesje. Als kind kreeg Munnik regelmatig de vraag waar hij vandaan kwam. “Enschede”, antwoordde hij. Maar als mensen daarna vroegen waar hij “écht” vandaan kwam, wist hij welk antwoord ze wilden horen. "‘Indonesië’, zei ik dan maar. Dat was alleen niet écht waar.”
Zijn opa gebruikte voor de familie het woord mengelsmoesje. Munnik legt in zijn gedicht uit waar dat woord voor hem voor staat: mensen met een gemengde achtergrond, die in de koloniale samenleving tussen verschillende groepen terechtkwamen. Ook schrijft hij over de Japanse bezetting, het KNIL, de onafhankelijkheidsstrijd en de komst van Indische Nederlanders naar Nederland.
Lees verder onder de afbeelding.
Die geschiedenis is volgens Munnik ingewikkeld en laat zich niet makkelijk in één verhaal vangen. Juist daarom wil hij erover blijven praten. En moedigt hij anderen aan erover te delen. "Als wij onze mond niet opentrekken, sterft onze cultuur, onze geschiedenis en dan wordt er wat anders van gemaakt. Daar moeten we voor waken.”
De tekst ontstond onder meer uit gesprekken met zijn opa. Ook een oproep van journalist en onderzoeker Griselda Molemans tijdens de herdenking van vorig jaar bleef bij hem hangen: trek je mond open. Munnik doet dat nu. "Ik trek mijn scheur los. Dat schijnt een derde- en vierde-generatieding te zijn. Ik denk echt: verdomme. Dit laat ik niet over mijn kant gaan.”
Ook schrijver en historicus Reggie Baay spreekt tijdens de herdenking. Hij vertelt over zijn eigen vader, een voormalig KNIL-militair die de Birma-spoorlijn overleefde. Pas na de dood van zijn vader ontdekte Baay een koffer met brieven, documenten en een dagboek over zijn tijd als krijgsgevangene en dwangarbeider. “Hij heeft altijd gezwegen; hij sprak zo in feite pas na zijn dood.”
Baay benadrukt dat de gevolgen van oorlog niet verdwijnen zodra de wapens er niet meer zijn. De persoonlijke verhalen blijven volgens hem nodig om te begrijpen wat oorlog met mensen en hun families doet. “Wij mensen lijken zeer hardleers”, houdt hij de aanwezigen voor. Doelend op verschillende plekken in de wereld waar nu oorlogen zijn. “Het is zo belangrijk dat we verhalen blijven delen, samenkomen en herdenken.”
Lees verder onder de afbeelding.
Ook burgemeester Roelof Bleker staat stil bij het belang daarvan. Volgens hem komt er steeds meer erkenning voor het langdurige leed van de Indische gemeenschap. “Door te luisteren naar de verhalen, weten we beter wat er is gebeurd.”