Een uitspraak van de hoogste rechter maakt het moeilijker om kinderen thuisonderwijs te geven. Tot nu toe konden ouders vrijstelling van de leerplicht krijgen als zij 'ernstige bezwaren hebben tegen de religieuze of levensbeschouwelijke richting van alle scholen binnen redelijke afstand'. Maar uit een uitspraak van de Hoge Raad volgt dat een openbare school voor iedereen toegankelijk is, ongeacht levensbeschouwing. Dat houdt in dat de gemeente Enschede in gesprek gaat met de ouders van 8 kinderen die op dit moment een vrijstelling van de leerplicht hebben.
In Enschede betreft het aantal kinderen met thuisonderwijs een zeer beperkte groep: acht kinderen verspreid over zes gezinnen. Daarnaast is er één lopende nieuwe aanvraag voor een vrijstelling. In eerdere schooljaren ging het ook al om acht tot tien kinderen in de hele gemeente.
Anders dan bij scholen, heeft de gemeente geen wettelijke bevoegdheid om inhoudelijk toezicht te houden op thuisonderwijs. Ouders zijn niet verplicht om een leerplan in te dienen en ook de kwaliteit van het onderwijs kan formeel niet gemonitord worden.
In Enschede wordt er wel contact onderhouden met ouders die een vrijstelling hebben gekregen. 'Bij nieuwe aanvragen nodigen we ouders uit voor een gesprek. Bij herhaalde aanvragen spreken we over de voortgang van het onderwijs en de sociale ontwikkeling van het kind', schrijft het college in een raadsbrief. Zodra de kinderen 12 jaar zijn worden zij ook zelf bij deze gesprekken betrokken.
Met ingang van het nieuwe schooljaar verandert er nogal wat. En dat heeft alles te maken met een uitspraak van de Hoge Raad in een zaak van twee ouders die het soefisme aanhangen en een boete kregen omdat zij hun dochter aan de leerplicht onthielden. De Hoge Raad oordeelt dat er weliswaar gegronde redenen kunnen zijn om niet naar religieuze scholen te willen, maar dat een vrijstelling voor openbare scholen alleen nog in uitzonderlijke gevallen mogelijk is.
Als er binnen zes kilometer afstand een openbare basisschool is, of binnen twintig kilometer een openbare school in het voortgezet onderwijs, wordt het voor ouders dus lastig om in aanmerking te komen voor thuisonderwijs.
In Enschede betekent dit dat nieuwe aanvragen voor vrijstelling van de leerplicht dus in de regel worden afgewezen. Voor de bestaande gevallen is het landelijke advies om daar vanuit oogpunt van betrouwbare overheid zorgvuldig mee om te gaan. Het college zegt die lijn te volgen. Er wordt een overgangsjaar ingesteld. De betreffende ouders krijgen een brief over de gewijzigde situatie en worden door de gemeente uitgenodigd voor een gesprek.
Per kind wordt in zo'n gesprek gekeken welke stappen er nodig zijn om een overgang naar onderwijs op school te bewerkstelligen. 'Daarmee is het overgangsjaar geen voortzetting van de bestaande situatie op zichzelf', aldus het college, 'maar een periode waarin we samen met ouders en betrokken partners toewerken naar een zorgvuldig proces.'