De gemeente Hengelo ziet geen verhoogde dreiging nadat het Hengelose dronebedrijf Destinus op een doelwittenlijst van het Russische ministerie van Defensie is gezet. Dat antwoordt het college van burgemeester en wethouders op vragen van Forum voor Democratie en D66.
Volgens het stadsbestuur passen de uitlatingen in de retoriek die Rusland vaker gebruikt sinds de oorlog in Oekraïne begon en de westerse steun aan Oekraïne werd opgevoerd. “Op dit moment heeft het college geen concrete aanwijzingen voor een direct of acuut veiligheidsrisico voor onze gemeente of haar inwoners”, zegt het college.
“Als lokaal bestuur blijven wij alert, maar we laten ons niet leiden door dreiging of intimidatie”, zegt het college. "Onze inzet blijft gericht op rust, weerbaarheid en het beschermen van de veiligheid van inwoners, bedrijven en instellingen.”
Die weerbaarheid en zelfredzaamheid van bewoners is iets waar de Veiligheidsregio Twente en de gemeente zich de laatste jaren druk mee bezighouden. Naast een voorlichtingscampagne om een noodpakket aan te leggen, bereiden hulpdiensten en organisaties zich voor op allerlei scenario’s, zoals het uitvallen van vitale infrastructuur. Daarbij wordt ook rekening gehouden met hybride dreigingen, cyberdreiging en sabotage.
In april gaf het Russische ministerie van Defensie een lijst vrij waarop westerse bedrijven stonden genoemd, die drones of onderdelen daarvan leveren aan Oekraïne. Daarop stonden elf bedrijven met locaties door heel Europa, waaronder Destinus in Hengelo.
Dit bericht was voor Forum voor Democratie-raadslid Brian Geertshuis en D66-fractievertegenwoordiger Gerald Ebberink reden om schriftelijke vragen te stellen aan het college, vooral over de eventuele risico’s voor Hengelo. Volgens het college zijn die er dus niet of nauwelijks.