In een open brief aan landbouwminister Jaimi van Essen en betrokken Kamerleden hebben de CDA-fracties in Noordoost Twente hun zorgen geuit over de stikstofplannen, zoals die vorige week zijn gepresenteerd. Net als het landelijke CDA pleiten de fracties uit Oldenzaal, Losser, Dinkelland en Tubbergen voor een gebiedsgerichte aanpak, waarbij de regie ligt bij de Provincie en de gemeenten. “Boeren in onze regio willen verduurzamen, extensiveren en innoveren. Maar dat moet uitvoerbaar, betaalbaar en in balans zijn met de omgeving.”
Dat vergt maatwerk volgens de CDA-fracties uit de vier gemeenten. “Generieke maatregelen zetten bedrijven klem, remmen jonge ondernemers af en zetten de leefbaarheid van dorpen en buurtschappen verder onder druk.” De CDA-fracties erkennen dat verandering nodig is om Nederland van het stikstofslot te halen, maar vragen het kabinet wel om Noordoost Twente niet te beoordelen vanuit generieke landelijke normen, maar ‘vanuit de werkelijkheid van het gebied’. “Wat werkt in de Peel of de Veluwe, hoeft niet altijd in Noordoost Twente te werken.”
Die ‘werkelijkheid’ is volgens de CDA-fracties een sterke regio waar landbouw, natuur, recreatie en toerisme elkaar versterken. Gevreesd wordt voor een domino-effect omdat maatregelen uit het stikstofplan als zoneringsgebieden en strengere regels voor mestplaatsing, veedichtheid en teeltmethoden dramatische gevolgen hebben. Niet alleen voor (familie)bedrijven, maar ook voor de leefbaarheid in het algemeen. “Buurtschappen verliezen gezinnen, vrijwilligers en sociale samenhang.”
De impact van het stikstofplan op individuele bedrijven is volgens de CDA-fracties nog steeds onduidelijk, waardoor ondernemers geen realistische investeringsbeslissingen kunnen nemen en banken terughoudend dreigen te worden. De voorgestelde grondgebondenheidsnorm van 2,6 diereenheid per hectare wordt voor Noordoost Twente ‘praktisch onhaalbaar’ genoemd. “Grond is schaars, duur en vaak niet beschikbaar. Dit maakt de norm voor Noordoost Twente niet alleen moeilijk uitvoerbaar, maar ook onevenredig zwaar.”
In de open brief benadrukken de CDA-fracties dat de vier gemeenten vanaf het begin volwaardig betrokken willen worden bij de gebiedsgerichte uitwerking van het stikstofplan, waarbij de Provincie de regie heeft. De Provincie moet voor 1 januari 2028 een gebiedsgerichte aanpak ontwikkelen, waarin wordt aangetoond dat de doelen voor 2035 worden gehaald. Daarover willen de CDA-fracties graag in gesprek met de minister en Kamerleden. “Noordoost Twente wil vooruit, maar wel op een manier die onze mensen, onze bedrijven en ons landschap overeind houdt, op een juridisch houdbare manier.”
In plattelandsgemeente Dinkelland trekken politiek en bestuur samen op om een vinger aan de pols te houden bij de uitwerking van het stikstofplan. Wethouder Richard de Way (Lokaal Dinkelland), bijvoorbeeld, zegt in een column dat de gemeente de ruimte om invloed uit te oefenen op de definitieve besluitvorming zoveel mogelijk wil benutten. “Omdat Dinkelland veel agrarische bedrijven en meerdere Natura 2000-gebieden kent, kunnen de gevolgen van de stikstofmaatregelen hier veel groter zijn dan in andere delen van het land.”
Volgens De Way is het stikstofplan niet alleen maar een beleidsdocument, maar raakt het direct aan het dagelijks leven van veel inwoners in Dinkelland. Net als het CDA in Noordoost Twente pleit hij voor maatwerk bij de uitwerking van het stikstofplan. “Dus juist nu blijven we actief in gesprek met provincie, Rijk en de gemeenten in Noordoost-Twente. Waar de plannen nog kunnen worden beïnvloed, zullen wij aandacht vragen voor de bijzondere situatie van onze regio.”