De gemeente Tubbergen start op maandag 13 april met een ecologisch buurtonderzoek naar beschermde dieren, zoals vleermuizen en verschillende vogelsoorten. Dit onderzoek is nodig voor het soortenmanagementplan (SMP): een plan om deze dieren te beschermen bij bijvoorbeeld het isoleren van woningen.
Het onderzoek wordt uitgevoerd door adviesbureau Eelerwoude uit Goor. Dit bureau richt zich op het creëren van een gezonde leefomgeving voor mens en natuur. Door kennis van ecologie, landschap en ruimtelijke ontwikkeling te combineren, ondersteunt Eelerwoude opdrachtgevers bij duurzaam en natuurinclusief werken, in wijken en buurten door het hele land.
Dinsdag 14 april ging het onderzoek van start in Vasse. Daar zijn de eerste vleermuizen in kaart gebracht.
De ecologen onderzoeken volgens een SMP-methode, dat houdt in dat in één keer een hele woonkern wordt onderzocht. Zo weten onderzoekers waar beschermde soorten leven en hoeft later niet bij elke woning apart onderzoek te worden gedaan. ''Dat maakt verduurzaming en onderhoud juist makkelijker en goedkoper voor bewoners'', aldus de gemeente Tubbergen.
Veel vleermuizen en vogelsoorten leven in en rond huizen, bijvoorbeeld onder daken of in spouwmuren. Bij isolatie of verbouwing kunnen deze dieren verdwijnen of verstoord worden. De gemeente wil deze dieren beschermen, maar ook zorgen dat inwoners, bedrijven en organisaties hun woning of pand kunnen verduurzamen. Daarom wordt nu eerst onderzocht waar de dieren precies zitten.
''In Vasse worden naar verwachting ongeveer zes verschillende vleermuissoorten aangetroffen, met een totale populatie van circa vierhonderd tot vijfhonderd dieren'', vertelt Niek Otten van Eelerwoude. Het onderzoek moet duidelijk maken welke soorten hier voornamelijk voorkomen, waar ze vandaan komen en waar hun vliegroutes liggen. Aan de hand van de frequentie kunnen de onderzoekers zien om welke soort vleermuizen het gaat.
De onderzoekers brengen met speciale meetapparatuur in kaart waar dieren leven en hoeveel het er zijn. Het gaat onder andere om: vleermuizen, huismussen, gierzwaluwen, boerenzwaluwen, huiszwaluwen en spreeuwen.
Lees verder onder de afbeelding.
De ecologen van Eelerwoude gebruiken warmtebeeldcamera’s, batdetectors en verrekijkers om de dieren op te sporen. Dat gebeurt vooral in de avond en vroege ochtend, wanneer vleermuizen en vogels actief zijn. ''De ecologen werken zorgvuldig en zorgen dat u en de dieren zo min mogelijk merken van ons onderzoek'', aldus Otten
Onderzoek vindt plaats in de bebouwde kom van de gemeente Tubbergen en is afhankelijk van het weer. Daardoor is niet precies te zeggen wanneer onderzoekers in een bepaalde buurt zijn.
Lees verder onder de afbeelding.
Inwoners kunnen de onderzoekers tegenkomen in hun buurt. Ze dragen gele hesjes met het logo van het adviesbureau. Vaak rond zonsondergang en -opkomst. Ze lopen of fietsen door de wijk en doen hun werk vanaf de openbare weg.
In Dinkelland is vorig jaar al onderzoek gedaan naar vleermuizen. Ook daar fietsten onderzoekers van adviesbureau Eelerwoude door de wijken. Dat riep regelmatig vragen op bij buurtbewoners. “We werden vaak aangesproken door mensen die ons verdacht vonden. Dat snap ik op zich wel”, vertelt onderzoeker Niek Otten. “Het gekste wat ik heb meegemaakt, was een buurtbewoner uit Tilligte die naar me toe kwam en zei dat hij dacht dat ik een inbreker was.”
In Tubbergen leidt het onderzoek eveneens tot nieuwsgierigheid onder wijkbewoners. Een persbericht van de gemeente heeft daar inmiddels wel veel vragen weggenomen.
De gemeente gebruikt de resultaten van het onderzoek voor het SMP. Voor dit plan wordt in alle wijken gekeken waar dieren leven, hoeveel het er zijn en waar hun verblijfplaatsen zitten. Op basis daarvan maakt de gemeente afspraken met de provincie over hoe deze dieren beschermd blijven. Ook wordt gekeken waar extra verblijfplaatsen nodig zijn.
Lees verder onder de afbeelding.
Met het soortenmanagementplan kan de gemeente bij de provincie Overijssel één vergunning aanvragen voor de bebouwde kom van de gemeente. Daardoor hoeven inwoners, bedrijven en organisaties later niet zelf ecologisch onderzoek te laten doen als zij hun huis of pand willen isoleren. Dat scheelt tijd en kosten.
In Geesteren is de proef alvast op de som genomen, hier wordt gebruik gemaakt van zogeheten 'bat detectors' op lantarenpalen en in bomen. Deze apparaten registreren het geluid van vleermuizen en nemen alleen ultrasone geluiden op (boven de 20 kHz). Zo krijgen onderzoekers beter inzicht in waar vleermuizen vliegen en verblijven. Het gaat om een pilot, waarmee wordt onderzocht of dit onderzoek efficiënter kan worden uitgevoerd.