De voetballiefhebber kent ze wel. De spelers in het team die zeer belangrijk zijn, maar nooit op de voorgrond treden. Gerrit Pezij was één van hen. Bij het Heracles Museum vonden ze het tijd om deze stille kracht van weleer nog eens in de spotlights te zetten.
Pezij was een midvoor, zoals de spitspositie destijds genoemd werd. Volgens oude kranten en verhalen die van generatie op generatie zijn doorgegeven, was hij een kopsterke en snelle midvoor met een neusje voor de goal. De Almeloër speelde van 1945 tot 1954 aaneensluitend in eerste elftal van Heracles. Na een paar jaar in lagere elftallen speelde hij in 1957 zijn laatste wedstrijd in het eerste. De komst van Steve Mokone en Joop Schuman in 1957 betekende het einde van Gerrit Pezij bij Heracles.
De geboren en getogen Almeloër was absoluut geen braniemaker. Hij was een rustige, bescheiden en vooral vriendelijke jongen die zich op de achtergrond hield. Die bescheidenheid heeft eraan bijgedragen dat hij, ondanks de invoering van het betaald voetbal in 1954, geen rooie cent heeft verdiend tijdens zijn carrière. Zijn vrouw Henny mopperde weleens dat zij nooit een stuiver, maar wel bergen wasgoed kregen elke week. Wel kregen zij ooit een meubel (kastje) van Heracles, als beloning voor zijn bewezen diensten.
Het idee voor de expositie begon bij een verhaal die vrijwilliger bij het Heracles Museum Harry Spies in 2023 te horen kreeg van supporter Henk Morsman. Het betrof een anekdote van zijn vader. Destijds werkten de spelers gewoon naast het voetballen, zo ook Pezij. Hij werkte bij de Nederlandse Spoorwegen en had soms ook weekenddiensten. Zo ook die ene dag. Hij zou de wedstrijd missen omdat hij in Enschede op het station moest werken.
De trainer van Heracles was daar niet blij mee en wilde kostte wat het kost dat zijn vaste midvoor mee zou doen. De vader van Henk Morsman werkte ook bij de Nederlandse Spoorwegen en werd de reddende engel. Hij nam de dienst van Pezij over waardoor de midvoor in sneltreinvaart naar de Bornsestraat kon worden gebracht zodat hij alsnog mee kon doen.
Voor Harry Spies was dit verhaal de kickstart. “De naam Gerrit Pezij kende ik wel, maar verder wist ik niet veel over hem.” Hij dook erin en kwam erachter dat Pezij meer dan tien jaar een belangrijke speler was voor Almeloërs. Samen met andere vrijwilligers werd gekeken of zij genoeg konden verzamelen om een expositie te maken. “Vorig jaar hadden wij genoeg voor een expositie, dus konden wij het opnemen in de planning.”
De expositie Gerrit Pezij ‘de stille kracht’ bestaat onder meer uit een filmpje over zijn carrière en foto’s uit die tijd. Voorafgaand aan de Twentse derby op 18 januari wordt om 13.30 uur de expositie geopend door zoon Gert en dochters Evelyn en Annemieke. Supporters zijn ook welkom. Daarnaast is het Heracles Museum voor iedere thuiswedstrijd en elke eerste vrijdag van de maand van 14.00 – 16.00 uur geopend. De expositie zal tot ongeveer het einde van het seizoen te bezichtigen zijn.