Klachten van inwoners over de komst van het asielzoekerscentrum (azc) in Albergen zijn onbehoorlijk behandeld door de gemeente Tubbergen. Dat oordeelt de nationale ombudsman in een kritisch rapport. Er werd niet naar inwoners geluisterd en de gemeente heeft de klachten niet snel genoeg afgehandeld.In augustus 2022 wees het Rijk een voormalig hotel in Albergen aan als toekomstig azc. Daarmee passeerde het de gemeente, die tegen de plannen was. Er ontstonden felle protesten in het dorp, er werd brand gesticht, raadsleden en bestuurders werden geïntimideerd. Een inwoner plakte ook een AirTag onder de auto van de burgemeester, zodat hij hem kon volgen.
De gemeente Tubbergen wist met de kleine ambtelijke organisatie maar moeilijk om te gaan met het azc-dossier, dat groter en groter werd. Voor het afhandelen van die klachten huurde de gemeente een extern advocatenkantoor in, dat eerder ook al door de gemeente was ingeschakeld. Bij de hoorzittingen over het azc in de rechtbank waren het ook niet de gemeenteambtenaren, maar advocaten die het woord voerden namens de gemeente.
"Daardoor zaten inwoners soms tegenover vier advocaten, zonder daarbij iemand van de gemeente te spreken", concludeert Reinier van Zutphen, de nationale ombudsman. "Zij voelden zich niet gehoord en soms zelfs geïntimideerd, wat ertoe leidde dat sommigen afzagen van een hoorzitting."
Het inhuren van de vele externe deskundigen kostte de gemeenschap in Tubbergen ook veel geld: in twee jaar tijd was de gemeente bijna twee miljoen euro kwijt aan juridische procedures en de klachtenafhandeling. Toen was er nog geen asielzoeker in het voormalig hotel gehuisvest.
Bewoners die een klacht indienden, kregen ook te maken met een hoop bureaucratie, concludeert de ombudsman. Niet alleen bij de gemeente, maar ook bij de provincie, het Rijk en het COA. "Het was voor hen vaak onduidelijk welke instantie waarvoor verantwoordelijk was en welke instantie waar voor stond of wat zei", schrijft Van Zutphen in zijn rapport.
Het duurde ook veel te lang voordat een klacht van een inwoner was afgehandeld. Voor die afhandeling staat volgens de wet maximaal veertien weken, maar bij de gemeente Tubbergen duurde dat soms langer dan negen maanden.
"Door de keuzes die zijn gemaakt, was de gemeente tijdens de klachtbehandeling nauwelijks zichtbaar", is de harde conclusie van Van Zutphen. "Alleen strikt de procedures volgen is niet genoeg. De gemeente had beter moeten letten op de emoties en de impact op de betrokken inwoners. Door de gekozen aanpak voelden zij zich niet gezien."
Op de houding van de gemeente in het azc-dossier klinkt al langer kritiek. Uit onderzoek van RTV Oost bleek eerder dat de gemeente weken voor de aanwijzing al wist dat het gedwongen dreigde te worden om een asielzoekerscentrum te hebben in Albergen. Toch reageerde het verrast en 'totaal overrompeld' toen het besluit naar buiten kwam. De gemeente heeft altijd ontkend dat het wist van die dwangoptie.
Van Zutphen benadrukt dat de gemeente en de inwoners samen moeten investeren in herstel van vertrouwen. Volgende maand zit hij om tafel met Anko Postma, de burgemeester van Tubbergen.
Ruim drie jaar na de aanwijzing houdt het azc de gemoederen nog altijd bezig in Albergen. Zo was er afgelopen zomer melding van een schietincident en deed het azc om veiligheidsredenen dit najaar niet mee aan de landelijke open dagen van de asielzoekerscentra.
"De gemeente Tubbergen neemt de conclusies van de nationale ombudsman over de wijze van klachtbehandeling rondom de komst van het azc in Albergen serieus", zegt burgemeester Anko Postma van Tubbergen in een schriftelijke reactie.
"Het rapport geeft aan dat een aantal inwoners zich onvoldoende gehoord heeft gevoeld en dat de afhandeling van klachten te lang heeft geduurd. Dat betreuren wij. (...) Achteraf constateren we dat onze aanpak als afstandelijk kon overkomen en dat een aantal inwoners zich niet gehoord voelde."
Postma zegt dat de gemeente wil leren van deze ervaring. "Daarom werken wij aan verbeteringen in onze klachtbehandeling."
De burgemeester wijst er ook op dat Albergen de eerste gedwongen aanwijzing van een azc door het Rijk was. "Dit leidde tot grote maatschappelijke onrust, een grote stroom van klachten en woo-verzoeken, serieuze veiligheidsrisico’s en persoonlijke bedreigingen aan medewerkers, raadsleden en collegeleden. Vanuit die context hebben wij keuzes gemaakt."