“Je hoort nogal eens dat statushouders niet voldoende integreren. Het zou helpen als werkgevers, ook in de gemeente Losser, er meer voor openstaan om statushouders in dienst te nemen. Dat gebeurt nog te weinig”, stelt Elma Krommendijk van de gemeente Losser. Dat kan eerst met een halfjaarlijkse proefplaatsing. Vervolgens is er een subsidie beschikbaar voor werkgevers die een statushouder in dienst nemen.
Elma begeleidt bij de gemeente Losser statushouders tijdens hun inburgering naar werk. “We kwamen erachter dat dit heel moeizaam gaat”, geeft ze aan.
Fahed Khalil is een van de weinige statushouders in de gemeente Losser die een baan vond, een baan die hem past en waarin hij zich verder kan ontwikkelen. Fahed werkt al ruim een jaar als boekhouder bij financieel adviesbureau FedAcc. Tot tevredenheid van zijn werkgevers Ria en Johan Hartgerink. Hij is één van de weinige statushouders die het geluk heeft werk te vinden, terwijl er in zoveel sectoren nog handjes nodig zijn.
Khalil komt uit Syrië, waar hij boekhouder was. Met zijn gezin vluchtte hij in juli 2021 naar Nederland en kwam terecht in het AZC in Zutphen. Daar zocht hij de bibliotheek op, leerde op eigen initiatief alvast Nederlands en werkte via het AZC bij een fietsenmaker. Toen hij zijn verblijfsvergunning kreeg en met het inburgeringstraject kon beginnen, was hij met het A1-niveau al klaar. Het gezin kreeg een woning in Losser en Fahed kwam via het inburgeringstraject in contact met Elma Krommendijk, trajectbegeleider bij de gemeente Losser.
Elma: “Toen hij bijna klaar was met de inburgering zijn we actief op zoek gegaan naar werk. In
eerste instantie ging hij aan de slag bij een bedrijf dat hekken maakte. Hier verrichtte hij werk waar veel lawaai mee gepaard ging, daarom werkte hij met een koptelefoon op. Wij willen graag dat mensen op de werkvloer meer Nederlands leren, maar dat was hier niet het geval.”
Gezocht werd naar ander werk. Fahed, lachend: “Ik ben ook geen klussenman. Zet mij maar achter de computer.” Hij volgde een basiscursus boekhouden om de Nederlandse boekhoudkundige vaktermen te leren.
Het Rijk stelt sinds 2 juni 2025 een subsidie beschikbaar voor werkgevers die een statushouder in dienst nemen. Deze SOWIS-subsidieregeling biedt werkgevers financiële steun om statushouders op de werkvloer te begeleiden en helpt bij het overbruggen van taal- en cultuurverschillen.
De regeling in het kort: een bedrijf/instantie krijgt voor de eerste statushouder een subsidie
van 8.000,- euro. Voor de tweede statushouder 6.000,- euro en voor de derde en vierde
5.000,- euro. De maximale aanvraag per werkgever is 24.000,- euro.
Ondernemers die hierover meer informatie willen kunnen zich melden bij de gemeente
Losser, Manon Balk: 06-83160800, email: [email protected] of Joost van Mook : 06-
15839567, email: [email protected]
“Daarna zijn we spontaan bij FedAcc binnengelopen en hebben gevraagd of we eens praten konden met Fahed erbij”, vertelt Elma. “Gelukkig hadden Ria en Johan Hartgerink er
oren naar en Fahed mocht hier een halfjaarlijkse proefplaatsing doen.” Bij een proefplaatsing betaalt de werkgever geen loon; de statushouder krijgt in die periode nog een uitkering.
Johan: “We zaten op dat moment door ziekte van een medewerker te springen om handjes.
Toevallig kwamen zij binnenwandelen en we besloten daar gebruik van te maken. We wilden hem de kans bieden. Het ging om een proefplaatsing: als het niks is, zijn we zo klaar, redeneerden we.”
Lees verder onder de afbeelding.
Al na een paar weken werd duidelijk dat Fahed uit het goede hout gesneden was. “Hij wilde dolgraag en is ontzettend leergierig. Hij is inmiddels een volwaardige arbeidskracht, alleen qua taal moeten er nog een paar puntjes op de i.” Fahed doet alle boekhoudkundige handelingen, maar neemt nog geen telefoon aan en staat nog geen klanten te woord.
Hartgerink was relatief weinig tijd kwijt aan begeleiding. “Debet en credit is universeel, of je nou in Amerika of China of Nederland bent. Je hebt alleen wat andere boekhoudprogramma’s. Fahed weet echt wel wat debet en credit is en hoe je dat moet verwerken. Dat scheelt al ontzettend in de begeleiding”, aldus Johan.
Een taalbarrière voor het boekhoudwerk is er nauwelijks. Fahed zet op de computer Google
Translate aan voor als er op facturen woorden staan die hij nog niet kent. “Bijna 70 procent
van de facturen komt van bedrijven hier in de regio. Ik zie al aan de logo’s om welk bedrijf het
gaat”, zegt hij. “Als bijvoorbeeld een horecaklant een Sligrofactuur inlevert, dan weet ik al dat
het om eten of drinken gaat.”
“Voor de boekhouding op zich heb je de Nederlandse taal niet nodig. Maar als Fahed verder
wil en ook de telefoon op wil nemen en klanten te woord wil staan, moet hij de Nederlandse
taal nog beter beheersen, met name de zinsopbouw”, zegt Ria. Ze werkt daaraan met
Fahed. “We lezen twee keer per week een half uur: Pjotr van Jan Terlouw. Als dat niet
voldoende is bieden we hem volgend jaar nog een vervolgcursus Nederlands aan. Zodat hij
klanten goed te woord kan staan.”
Fahed: “Met collega’s aan de telefoon gaat prima, maar klanten durf ik nog niet aan. Ook al
omdat er veel Twents gepraat wordt, en dat is voor mij moeilijk.” Johan, lachend: “Maar
‘deurdonderen’ begrijp je wel.” Veel Nederlandse woorden kent hij inmiddels, benadrukt Johan.
“Vanmorgen praatte hij Arabisch aan de telefoon, en in dat gesprek kwam ineens ‘het derde
kwartaal’ voorbij. Ik geloof niet dat dat een Arabisch woord is.” Sinds Fahed bij FedAcc
werkt, weten ook klanten met Arabisch als moedertaal het bedrijf te vinden.
Fahed is blij met de geboden kans. “Ik hou van mijn werk, ik wil mij ook snel ontwikkelen. Ik
heb aardige collega’s en aardige bazen.” Gebarend naar de Hartgerinks: “Het is familie.”
Het leren van de taal gaat hem eigenlijk te langzaam. “Als iemand in het Nederlands iets
tegen me zegt, kan ik dat goed begrijpen, maar in correct Nederlands reageren is moeilijker.”
Elma Krommendijk knijpt de handen dicht met werkgevers zoals de familie Hartgerink. “Wij
merken gewoon vanuit de gemeente Losser dat er veel ondernemers niet voor open staan
om statushouders aan te nemen, omdat het veel tijd kost qua begeleiding, omdat ze de
Nederlandse taal vaak nog niet goed beheersen. Hier zie je dus dat het wél mogelijk is. Ik
vind het harstikke mooi om te horen dat jullie Fahed Nederlandse taal aanbieden; zo zorg je
ervoor dat mensen kunnen meedraaien in de Nederlandse maatschappij.”
Het zou prettig zijn wanneer meer ondernemers ervoor open staan om statushouders een kans op werk te bieden, zegt Elma. “Werknemers moeten zich er wel bewust van zijn dat er tijd nodig is voor begeleiding. Misschien helpt het dat de subsidieregeling van het Rijk dit jaar van kracht is geworden.”
Vanuit de gemeente Losser zoeken op dit moment tussen de 35 en 50 statushouders werk.
“In verschillende functies. Schilders, stukadoors. Maar ook veel productiewerk. Met een
proefplaatsing loopt een werkgever geen risico en kunnen we altijd zien wat iemand kan”, legt Ela Krommendijk uit.
Tussen de statushouders zit ook onder andere ook een specialist houtbewerking. “Hij maakte
in Syrië prachtige ornamenten rond deuren en lijsten. Hij is heel creatief met hout. Maar hier
vind je zomaar niet een bedrijf waar hij terecht zou kunnen.”