Het is al het einde van de werkdag als donderdag ineens een jonge vrouw met backpack en een opvallend grote rode olifant de redactie van 1Twente Enschede binnenloopt. Naast haar een jongen met eveneens een grote rugzak. “Ik heb een raar verzoek."
“Kunnen jullie ons aan een slaapplaats helpen?”, gaat ze spontaan verder. “We zoeken een plek bij iemand die veel weet over de stad. Het liefst de burgemeester.”
Wat? Slaapplek? Burgemeester? We voelen ons wat overvallen. Wie ben je eigenlijk en wat is de bedoeling?
Het blijkt de 24-jarige Roos van de Plassche, die al sinds januari door Nederland trekt 'op zoek naar de ander'. "Ik loop door alle 342 Nederlandse gemeenten en zoek iedere dag een nieuwe plek om te slapen", legt ze uit. De jongen aan haar zijde blijkt Jip van Kessel, die een paar dagen meedoet.
Op zoek naar de ander? Hoe bedoel je? “Het is een persoonlijk project. Ik had een negatief beeld van de wereld, dus ging op zoek naar positiviteit”, vertelt Roos. Inmiddels heeft ze daar genoeg bewijs voor. “Ik heb tot nu toe iedere dag een slaapplek kunnen vinden.”
Het doel is om met kerst weer bij haar ouders in Nijmegen te zijn. Onderweg legt ze haar ervaringen vast op Instagram via het account ‘opzoeknaardeander’. Uiteindelijk wil ze haar ervaringen bundelen in een boek. “Ik hoop mensen een inkijkje te geven in wat ik doe en te laten zien dat op de wereld nog heel veel moois is. Juist voor mensen bij wie de ander soms ver weg voelt of voor wie de wereld soms een beetje eng of hard vindt.”
Eén nacht brengt Roos zelfs door met een dakloze man. “Ik raakte met hem aan de praat. Het voelde raar om daarna een slaapplek binnen te gaan zoeken terwijl hij op straat sliep.” De man geeft haar uiteindelijk zijn tentje. “Hij sliep zelf buiten. Ik vind het zo mooi dat hij zijn enige bezit aan mij wilde schenken voor een nacht.”
De jonge avonturier heeft inmiddels al een groot deel van Nederland doorkruist. Ze liep onder meer door Limburg, Zeeland, Noord-Brabant, Zuid-Holland, Noord-Holland, Friesland en Groningen. Nu is Overijssel aan de beurt. “Ik krijg zoveel positieve energie van de mensen die ik onderweg ontmoet.”
Roos draagt een grote rode olifant bij zich. "Die staat voor ‘the elephant in the room’", legt ze uit. “Ik voelde mij als de olifant die de kamer uit moest. Ik had mijn studie af en vond dat ik te veel thuis zat."
Het rubberen beest is inmiddels een vast onderdeel van haar reis. Overal waar ze mag overnachten vraagt ze om een boodschap voor de medemens op het ding te schrijven. “Om positiviteit te verspreiden en mensen te verbinden”, legt ze uit. De verzameling groeit snel. “Ik heb al drie volle olifanten thuis bij mijn ouders staan.”
De dag hiervoor sliepen ze in Oldenzaal, bij ene Ben en Francien. Te voet waren ze met wat omwegen 23 kilometer naar Enschede gelopen. En nu hopen ze dus bij de burgemeester te kunnen overnachten. Toe maar. Dat is hoog inzetten. Hoe dat zo? "We liepen langs dit gebouw. Iemand van jullie stond buiten te bellen en we hoorden hem over de burgemeester praten. Toen dachten we: laten we gewoon naar binnen gaan, hier zijn vast mensen die ons kunnen helpen.”
Het voelt wat ongemakkelijk. Moeten wij nu Roelof Bleker bellen met de vraag of dit duo met olifant bij hem kan overnachten, terwijl wij hen nauwelijks kennen? Maar dan dient zich via-via een ander idee aan. Zo staan de reisgenoten even later vlakbij de redactie bij Ingrid en Tjibbe voor de deur. "We werden zonder aarzelen binnengelaten", vertelt Roos de volgende ochtend. "Een half uur later stonden we pannenkoeken te bakken."
Lees verder onder de afbeelding.
Vanuit Enschede gaat de route verder richting Haaksbergen en Hengelo. Daarna trekt ze via Flevoland, Utrecht en Gelderland terug naar Nijmegen. “Ik kom erachter dat 'de ander' overal is. En ook nog heel lief en benaderbaar is. Dat is niet het beeld dat ik van tevoren had.”