Verkeer
Stuur appje
Zoek
In samenwerking met
Twente FM logo

Wierdenaar Paul Salakory: 'Erkenning is er, nu de daden nog'

Met spanning keek Paul Salakory, voorzitter van de Molukse Gemeenschap Overijssel, zondag naar de viering van 75 jaar Molukkers in Nederland. Eén vraag hield hem bezig: zou premier Rob Jetten namens de regering eindelijk excuses aanbieden voor de behandeling van de eerste generatie Molukkers na hun komst in 1951?

Die excuses kwamen er. Duidelijk en zonder omwegen. Voor Salakory was dat een emotioneel moment, maar niet het eindpunt. "Goed, hij heeft het wel gezegd. Maar wat komt er dan na de excuses? Daar ben ik benieuwd naar. Niet alleen maar met woorden, maar komt er ook daadwerkelijk iets uit voort?"

'Historisch onrecht'

De premier bood de excuses aan tijdens de viering, vandaag in Rotterdam, waar ook het Nationaal Monument Ulu Kora werd onthuld. Jarenlang was onduidelijk of de Nederlandse regering deze stap zou zetten. De eerste generatie Molukse KNIL-militairen en hun gezinnen kwamen in 1951 naar Nederland in de veronderstelling dat het verblijf tijdelijk zou zijn. Zij werden ondergebracht in voormalige kampen en barakken en ontslagen uit militaire dienst, maar de beloofde terugkeer bleef uit. Volgens de premier is daarmee sprake van een historisch onrecht.

Voor Salakory draait het excuus vooral om de mensen die het allemaal hebben meegemaakt. "Niet voor mij en ook niet voor de generaties daarna, maar voor de eerste generatie die hier voet aan wal zette in 1951. De meesten zijn er niet meer. Dat vind ik juist heel jammer, dat ze dit niet meer kunnen horen."

Tijdens de televisie-uitzending van de viering zag hij nog enkele overlevenden van die generatie in het publiek. "Ik zag een van mijn ooms daar zitten. Hij heeft in het KNIL gediend en kwam vanuit kamp Vught uiteindelijk in Culemborg terecht. Dat doet mij wel wat."

Salakory Oost Marielle Beumer
Wierdenaar Paul Salakory, voorzitter van de Molukse Gemeenschap Overijssel
Beeld: Oost Marielle Beumer

Meer dan woorden

Volgens Salakory begint het verhaal bovendien niet pas in 1951. "Erkenning is onze gezamenlijke inzet. Niet alleen vanaf 1951, maar ook voor de jaren en decennia daarvoor. Pas dan kunnen we verder kijken."

Hij wijst op de geschiedenis van de Molukse militairen die tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog aan Nederlandse zijde vochten. "Ze hebben gekozen voor Nederland, voor de Nederlandse driekleur. Ze zouden hier zes maanden blijven en daarna terugkeren. Dat is nooit gebeurd."

In plaats daarvan volgde een harde ontvangst. "Ze werden naar Amersfoort gebracht, gekeurd en vervolgens verspreid over kampen als Westerbork, Vught, Vorstenbosch en ook Wierden, waar hijzelf vandaan komt. Elke keer werd gezegd dat het tijdelijk was. Maar die belofte is nooit nagekomen."

Juist daarom raakten de woorden van de premier hem persoonlijk. "Het doet me wel wat dat de excuses zijn gekomen. Maar ik vind ook dat het veel te laat is. Mijn vader kan het niet meer horen. Mijn moeder ook niet. Al die mensen van de eerste generatie hebben niets meer aan deze excuses. Dat is niet meer goed te maken." Toch vindt hij dat erkenning altijd waarde houdt. "Dat het nu wordt uitgesproken is goed. Erkenning is altijd goed."

'Onrecht met een hoofdletter'

De herinneringen aan zijn eigen ouders maken die geschiedenis tastbaar. "Toen mijn ouders overleden waren, ging ik naar zolder. Daar stonden ook gesloten koffers. Toen ik ze opende zag ik hun kleding, de Bijbel en de zangboeken. Ze hebben die koffers nooit meer kunnen pakken om terug te gaan."

Volgens Salakory mag het daar niet bij blijven. Hij wil dat de geschiedenis structureel wordt doorverteld. "Die onderzoeken zijn er al. Gebruik die kennis. Schrijf onze geschiedenis op en zet die in de schoolboeken, zodat mensen weten wie wij zijn en waarom wij hier zijn."

Ook had hij graag gezien dat koning Willem-Alexander aanwezig was ."Een premier is goed, maar ik had graag gehad dat de koning erbij was. Onze ouders hebben gevochten voor de Nederlandse kroon. Dat had nog meer draagkracht gegeven."

Dat er nu een nationaal monument is, noemt hij wel belangrijk. "Dan hebben wij een plek om naartoe te gaan en onze gedachten te laten gaan. Want het zit nog steeds diep. Heel diep."

Volgens Salakory wordt de Molukse gemeenschap nog te vaak alleen geassocieerd met de treinkapingen uit de jaren zeventig. "Wij zijn meer dan treinkapers. Dat wordt niet gezien. "Als hij zijn gevoel en dat van de Molukse gemeenschap in één woord moet samenvatten, hoeft hij niet lang na te denken. "Onrecht. Met een hoofdletter."

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie?
Tip onze redactie via mail of telefoon. Deze vind je op onze contactpagina.