De locatie-theaterproductie Polderjongens brengt het verhaal van jonge mannen die dag in dag uit aan het zwoegen waren om het Almelo-Nordhornkanaal uit te graven. Script- en liedtekstschrijver Danny Westerweel vertelt in de podcast 'Almelo aan tafel' over het idee om dit verhaal te vertalen in een theatervoorstelling op Almelose bodem.
De geboren Deventenaar vertrok voor zijn studie naar Amsterdam. Daar leerde hij de fijne kneepjes van het theatervak op de toneelschool. Sinds zijn afstuderen in 2018 heeft hij in verschillende functies gewerkt aan diverse producties.
Via artistiek aanjager Gerard Cornelisse kwam hij in Enschede terecht, waar Westerweel betrokken raakte bij Theater Producties Twente. Onder de gelijknamige stichting vertalen zij Twentse verhalen naar theatervoorstellingen. Voorheen gebeurde dit via een speciale projectentak onder de vlag van het Wilminktheater en Muziekcentrum Enschede. “In Twente voel ik mij heel erg thuis. Ik heb hier veel kansen gekregen om te mogen schrijven en te spelen."
Bij de theaterproductie Polderjongens is de 31-jarige theatermaker weer terug op vertrouwde bodem. “Mijn eerste productie in Twente was in Almelo. Toen assisteerde ik regisseur Anne de Blok, die nu ook weer de regie voor haar rekening neemt, bij het stuk Van Katoen en Water.” Die voorstelling vertelt het verhaal van stadsarchivaris Bertus, die zich met zijn rijke fantasie door de Almelose geschiedenis waant. De gemene deler van beide producties is water en handel. Daar is Almelo tenslotte groot mee geworden.
Polderjongens is net als Van Katoen en Water locatie-theater. En dat gaat er net iets anders aan toe dan een voorstelling in een zaal. “In plaats van dat we mensen naar het theater lokken, komen we naar de mensen toe om verhalen te vertellen over de plek waar het ook daadwerkelijk is gebeurd. En in dit geval dus een verhaal in Almelo, over het Almelo-Nordhornkanaal.”
Zo speelt het theatergezelschap op en naast het water. Echter niet op het Almelo-Nordhornkanaal zelf, maar wel op het kanaal vlak bij de Javaparkeergarage. Nabij het spoor waar ook Het Verzet Kraakt enkele jaren geleden speelde. Een productie die ook uit de koker van Theater Producties Twente komt en het verhaal vertelt van de grootste bankroof aller tijden, die opvallend genoeg ook in Almelo plaatsvond.
Stichting Theater Producties Twente heeft als doel om verhalen uit Twente tot leven te brengen. Zo maakte de stichting door de jaren heen verschillende producties over de Twentse geschiedenis, zoals DOOR HET STOF, een fictief, theatraal drieluik dat zich afspeelt in het Enschede van 1890 midden in de roerige tijd van de Twentse textielindustrie, en STORK!, over de geschiedenis van de machinefabriek Stork in Hengelo.
Waar de polderjongens in weer en wind aan het zwoegen waren en in totaal 37 kilometer kanaal hebben uitgegraven voor een dubbeltje per kuub, spelen de acteurs nu ook in de buitenlucht. “Bij locatietheater hebben we met alle elementen te maken. De omgeving is een decor om het maar zo te zeggen en de acteurs moeten strijden als het heel hard waait of regent. Het publiek soms ook. In dit geval zit het publiek wel overdekt.” Het trotseren van de verschijnselen van Moeder Natuur is Westerweel dan ook niet vreemd. “Ik heb wel eens in een voorstelling gespeeld waarin het keihard regende van begin tot eind.”
Deze keer neemt de creatieve duizendpoot het schrijven van het script en de liedteksten voor zijn rekening. Maar waar begin je eigenlijk als je zo’n grote productie gaat schrijven? Eerst neemt hij een duik in de Almelose geschiedenis. Omdat dit verhaal zich ruim een eeuw geleden afspeelde, zijn er jammer genoeg voor Westerweel geen mensen meer in leven die hun ervaringen uit die tijd met hem kunnen delen. Voor dit soort situaties heeft de theatermaker een oplossing: even aankloppen bij journalist, schrijver en publiekshistoricus Marco Krijnsen. Ook wel ‘de legende’ genoemd door Westerweel. Krijnsen weet van alles over de Twentse geschiedenis en deelt graag zijn onderzoek met de theatermaker.
“Eind achttienhonderd werd er al heel veel geschreven over hoe het de mensen verging. Maar dat ging vaak over de hogere kringen van de samenleving. Denk hierbij aan de baronnen en de textielfabrikanten, maar over de arbeiders is veel minder bekend.” Om de gaten in het verhaal op te vullen, gebruikt de theatermaker zijn fantasie en artistieke vrijheid. “Ik dien me natuurlijk aan de feiten te houden, maar ik kan er ook heel veel bij verzinnen. Bijvoorbeeld: hoe hebben de polderjongens zich gevoeld in die tijd?”
Polderjongens is van 26 augustus tot en met 13 september 2026 te zien op en langs het kanaal aan de Stationstraat 11 in Almelo.