Verkeer
Stuur appje
Zoek

Enschedese oorlogsgetuige Herbert Zwartz (97) overleden

20251004 herbert zwartz overleden
Beeld: Theatermakerij Enschede

Enschedeër Herbert Zwartz is afgelopen maandag op 97-jarige leeftijd overleden. Hij overleefde als jonge jongen de Tweede Wereldoorlog door onder te duiken. Tot zijn laatste dagen zette hij zich in om de verhalen van toen levend te houden - vooral bij jongeren, die volgens hem “moeten weten dat vrijheid niet vanzelfsprekend is.”

Tot het einde van zijn leven bleef de oorlog voor Herbert Zwartz een groot thema. Regelmatig stond hij voor klassen, met zijn Jodenster in de hand, om te vertellen wat het betekende om ‘de onderduik in te gaan’. “Als ik voor een klas sta zeggen docenten vaak: ‘ik heb ze nog nooit zo stil gekregen", vertelt hij in 2020 in het actualiteitenprogramma 1Twente Vandaag.

De onderduik

Op 8 april 1943 dook Zwartz samen met zijn vader onder bij de familie Dikken aan de Everhardt van der Marckstraat in Enschede. Zijn moeder en zusje zaten een paar honderd meter verderop verborgen. 

Zwartz' vader had vroeg door dat het mis zou gaan. Steeds meer mensen werden weggevoerd, en niemand wist precies waarheen. “Niemand had nog van gaskamers gehoord", vertelt Zwartz in een documentaire. “Maar mijn vader voelde: dit loopt niet goed af.”

Razzia 13 september 1941

Die gevoelige intuïtie bleek het verschil tussen leven en dood. Op een dag stonden Duitse soldaten en een Nederlandse politieagent aan de deur. “Mijn vader lag ziek in bed, en de huisarts stond erbij. Hij zei tegen de politieagent: ‘Hij is te ziek om mee te nemen.’ Dat ene moment heeft ons leven gered."

Dankzij de gelukzalige samenloop van omstandigheden ontsnapten Herbert en zijn vader aan het lot dat 105 andere Joodse mannen uit Enschede op 13 september 1941 trof, die tijdens een razzia naar concentratiekamp Mauthausen werden gebracht en daar binnen drie maanden omkwamen.

Twee jaar stilte

Zwartz en zijn vader leefden twee jaar lang in stilte. Slechts één keer kwam hij buiten, 's avonds in de winter. Hij had kiespijn. Op de weg naar de tandarts liep Zwartz over de Tubantiasingel. Een Duitse agent sprak hem aan. Of hij wist hoe laat het was. "Zwanzig nach sieben", antwoorde hij. "Danke", zei de Duitser en liep daarnaar door. Zijn hart bonkte in zijn keel. Het liep met een sisser af.

Tijdens een huiszoeking in de winter van 1944 verstopten vader en zoon zich in een smalle ruimte onder de vloer. Een voormalige opslag voor illegaal gestookte drank. “De Duitsers liepen bijna over onze hoofden heen. Maar ze vonden ons niet.”

Op 1 april 1945, Eerste Paasdag, konden de twee eindelijk naar buiten. “Het was zonnig. Enschede was bevrijd. Na twee jaar konden we weer ademhalen.” Al was het bevrijdingsfeest Zwartz te hard aan de oren. Na twee jaar fluisteren. Lang bleef hij die dag niet in het feestgedruis.

‘Dat er mensen als Overduin bestaan, geeft hoop’

De onderduik werd mede mogelijk gemaakt door het netwerk van dominee Leendert Overduin, die tientallen Joodse Enschedeërs redde. Via hem kreeg de familie Dikken valse bonkaarten.

In 2024 vertelde Zwartz in het Jüdisches Museum in Berlijn over Overduin en over zijn eigen overleven. Daar sprak hij in het Duits. De taal die hij na de oorlog jarenlang niet wilde gebruiken. “Dat er steeds weer mensen zijn zoals Overduin", zei hij toen, “blijft een teken van hoop.”

Doorgeven aan jonge generaties

Tot het laatst bleef Zwartz zich inzetten voor herdenken en onderwijs. Hij sprak bij de Mauthausen-herdenking in Enschede, zat in jury’s van schrijfwedstrijden en vertelde telkens weer zijn verhaal in klaslokalen. Zijn onvermoeibare inzet voor herinnering en zijn betrokkenheid bij de Enschedese gemeenschap leverden hem de onderscheiding op van Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. 

Zijn boodschap bleef altijd hetzelfde: “Het leven bestaat niet alleen uit leuke dingen. Jongeren moeten weten wat er is gebeurd, zodat het nooit meer gebeurt.”

Textielwortels

Naast zijn levensverhaal kende Enschede hem ook als 'telg' van de bekende textielfamilie Zwartz. De firma S.I. Zwartz, opgericht in 1835, groeide uit tot een van de oudste textielfabrieken van Nederland. In 2023 ontvingen drie generaties, Herbert, zijn zoon Ronald en kleinzoon Roderick, de Gouden Erepenning van de stad Oldenzaal.

IMG 20240619 WA0026
Lees ook
Tweede Wereldoorlog-overlever ontvangt Duits boek over Enschedese oorlogsheld

Op zijn eigen rouwkaart stond: “In alle rust en bij mijn volle bewustzijn heb ik afscheid genomen van het leven.” De plechtigheid heeft in besloten kring plaatsgevonden.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie?
Tip onze redactie via mail of telefoon. Deze vind je op onze contactpagina.