De gemeente Losser staat positief tegenover het laten uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek naar wat er in en na de Tweede Wereldoorlog gebeurde met Joodse bezittingen in de gemeente Losser. Dat naar aanleiding van vragen, die Harry Heegen namens de VVD-fractie hierover stelde. Een positieve reactie, maar met een mits en maar.
Heegen stelde de vragen naar aanleiding van het tv-programma Pointer, dat al meerdere uitzendingen wijdde aan de onteigening en verkoop van Joods vastgoed tijdens de Tweede Wereldoorlog, zegt hij in de ochtendshow van Twente FM. “Hoe zit het met de eigendommen van Joodse families in Losser? Wat is er gebeurd met het vastgoed, en hoe is dat verder afgehandeld?”
“Er zijn 218 gemeenten in Nederland waar sprake is geweest van roofhandel in Joods eigendom. Verreweg het grootste deel van deze gemeenten ziet het als een plicht goed uit te zoeken wat er precies gebeurd is. Losser is een van de 53 gemeenten van die 218 die geen onderzoek heeft gedaan en die daar ook de noodzaak niet van ziet en af wil wachten tot nabestaanden zich melden.”
Wat Heegen betreft heeft de gemeente de plicht dit uit te zoeken.
“De Historische Kring Losser heeft hiervoor al veel onderzoek gedaan. Het is ook wel helder geworden wat er met het onroerend goed, en dat gaat met name om één huis in het centrum van Losser van de familie Zilversmit is gebeurd”, aldus Heegen, die in de ochtendshow hierover meer informatie geeft. “Er is nog wel veel onduidelijkheid over de roerende goederen die in dat pand aanwezig waren. Een gemeente moet, en heeft ook de plicht, om uit te zoeken wat daarmee gebeurd is.”
Heegen wil volledige duidelijkheid en vraagt of de gemeente bereid is proactief een onafhankelijk onderzoek in te stellen en zo ja, op welke termijn dit kan worden gestart. En zo nee, om welke reden niet.
Het college antwoordt een onafhankelijk onderzoek op zijn plaats en geeft aan dat de gemeente recent een offerte heeft aangevraagd voor het opstellen van een cultuurhistorische waardenkaart.
Een cultuurhistorische waardenkaart brengt sporen, objecten, patronen en structuren die zichtbaar of niet zichtbaar onderdeel uitmaken van de leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling, in beeld. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een plek of gebied. Ze dragen bij aan een aantrekkelijke woonomgeving en vestigingsklimaat en bieden aanknopingspunten voor toekomstige ontwikkelingen. Gemeenten vinden het daarom van belang deze cultuurhistorische waarden te betrekken in de planvorming en mee te wegen in de besluitvorming over de inrichting van een gebied.
Als die offerte er is, wil het college overgaan tot het verstrekken van een opdracht. Voor zover mogelijk wil het college het onderwerp Joods eigendom naar aanleiding van de Tweede Wereldoorlog, hierbij betrekken. ‘De conclusies uit het onderzoek van de Historische Kring Losser kunnen dan in dit onderzoek worden meegenomen’, stelt de gemeente.
Wanneer een dergelijk onderzoek kan starten, weet het college nog niet, en belooft nadere informatie als daar meer zicht op is.
Veertien Lossenaren zijn, vanwege het feit dat ze Joods waren, vermoord, waaronder de familie Zilversmit. Deze familie had een slagerij op de hoek van de Brinkstraat en de Schuurkerkstraat. Eerst op de hoek aan de andere kant. Later op de hoek waar nu Intertoys gevestigd is, meldt de Historische Kring Losser. Op 11 juli 2013 zijn in de trottoirs bij de huizen, waar Joodse dorpsgenoten hebben gewoond, 'Stolpersteine' geplaatst.
De naam Zilversmit komt nu ook terug in het nieuwe appartementencomplex aan de Brinkstraat in Losser.