Er is een ‘militair schema’ opgesteld, want het loop storm op het Enschedese stadhuis. Daar kan Jan en Alleman trouwen met wie of wat hij maar wil. Dat wil zeggen: mits je jonger bent dan 18 jaar en voor zover er plek is. Het zit bommetjevol. “We hebben een wachtlijst van 60 tot 80 mensen”, vertelt een bode.
De huwelijksplechtigheden-voor-één-dag zijn onderdeel van Open Monumentendag. Het Stadhuis is zo’n monument en het team bodes bedacht een ludieke aanvulling op de reguliere rondleidingen: trouwen, voor wie dat normaal gesproken nog niet mag. Met alles erop en eraan: ringen met een snoepdiamant, een certificaat met handtekeningen (een krabbel is ook goed), een trouwambtenaar, foto’s en champagne.
Het loopt flink door in het Stadhuis. In de Burgerzaal is een fotoset opgesteld. Er is koffie, limonade, koek en kinderchampagne. Beide trouwzalen, op de eerste verdieping, zijn ‘in full swing’. Zo druk is het daar nooit geweest, vermoed ik. “We trouwen er zes per uur”, hoor ik van één van de bodes. Het hele team is opgetrommeld en er is er geen een die dat erg vindt. Integendeel.
“Dit is zo leuk, leuker dan ik had verwacht”, zegt een collega. “Mensen zijn soms echt ontroerd.” Het zijn jonge kinderen die iets of iemand het ja-woord komen geven. Hij zag tot nu toe een oma, een knuffel en twee honden. “Net een meisje in een trouwjurk en een jongen met een corsage, de ouders helemaal opgedoft.” Niet zelden komt de halve familie mee. Trouwen is een serieuze aangelegenheid, ook vandaag.
Liam Ryan (9) trouwt met zijn oma Truus (81). Zo geformuleerd omdat het initiatief van hem lijkt te komen. Waarom? “Ze is aardig.” Na enig nadenken: “Superaardig!” En ze woont vlakbij.”Vijf minuten lopen”, weet Truus. Vroeger las ze haar kleinzoon voor, maar dat hoeft niet meer. “Hij leest nu zelf.” Wat hij nu doet, als hij bij oma is? “Chillen!”
Lees verder onder de afbeelding.
Trouwambtenaar Conny Slot is net zo enthousiast als de bodes beneden. “Ik doe dit werk al jaren, maar dit is zo leuk! Ik word er zelf ook blij van.”
Als ik naar beneden loop, komt me een piepjong bruiloftspaar tegemoet. In vol ornaat. Zij in een hagelwitte trouwjurk-met-rouches-en-hoepel en kanten handschoentjes, hij strak in het pak; stropdas, corsage, de blonde haren strak in een scheiding. Het volgende koppel dat Slot in de echt gaat verbinden, blijkt.
Lees verder onder de afbeelding.
Als het gezelschap - trouwpaar, moeders, zusje, opa en oma - de trouwzaal binnenloopt, sluit zich een cirkeltje. Tweeëntwintig jaar geleden trouwde Slot in ditzelfde zaaltje opa Frits en bonusoma Annemarie Noordman. Stom toeval.
Ryvano Stuivenberg (4) en Chaniya Bergsma (6) zijn al hun hele leven vriendje en vriendinnetje. Ze wonen vlak bij elkaar, in dezelfde straat. Vandaag hebben ze de kans om hun verbintenis te bezegelen, en die laten ze niet aan hun neus voorbijgaan. “Waarom willen jullie vandaag trouwen?’, vraagt Slot met een brede glimlach. “Vinden jullie elkaar zo lief?” Dat vinden ze. Woorden zijn niet nodig. “Houden jullie ook een beetje van elkaar?” Zeker. Ook hier woordeloos.
Lees verder onder de afbeelding.
Het is even zoeken naar elkaars rechterhand, maar dan stelt de trouwambtenaar de vaag waar het allemaal om te doen is. “Ryvano, wil jij vandaag voor één dag de man van Chaniya zijn?”, vraagt Slot. De bruidegom blijft een tijdje stil. “Ja”, klinkt uit vanaf de bankjes, “Je moet ‘ja’ zeggen.” Dan knikt hij. “Ja”, klinkt het bedeesd.
Chaniya is zekerder van haar zaak. Of assertiever. Ook zij knikt, maar haar ‘ja’ klinkt overtuigd. “Dan verklaar ik jullie vandaag de hele dag getrouwd. En beloof je vandaag lief voor elkaar te zijn?” Daar hoeft niemand aan te twijfelen; beiden knikken om het hardst. “Nu mag je elkaar een kus geven, zo gaat dat als mensen trouwen.”
Lees verder onder de afbeelding.
Dat is best veel gevraagd. Weifelend kijkt het paartje elkaar aan, dan naar de aanwezigen op de bankjes. “Een knuffel mag ook”, helpt Slot. Die drempel is makkelijker genomen. Er worden vriendschapskettinkjes omgehangen, meegenomen door de familie.
Lees verder onder de afbeelding.
De volgende huwelijkskandidaten zijn in aantocht, maar ook Slot ziet een gelegenheid die ze niet aan zich voorbij wil laten gaan. Of opa en oma nog één keer op de stoelen willen gaan zitten waar zij tweeëntwintig jaar geleden ook zaten. Ryvano en Chaniya schuiven een stoeltje op en kijken twee decennia terug in de tijd, likkend aan de diamant op hun ring. Een huwelijkskus in reprise; kijk, zo moet dat.
Op de vide, naast de raadszaal en de Burgerzaal, loop ik de volgende klantjes van Slot tegen het lijf. Weer een bruidegom in pak, dit keer met een witte vlinderstrik en al even witte hoge hoed. De bruidegom draagt weinig meer dan een halsband en een rokje van glimmend tule. Ze lijkt haast te hebben en trekt haar aanstaande, die pogingen doet haar te laten poseren, bijna omver.
Lees verder onder de afbeelding.
Na de plechtigheid, beneden in de Burgerzaak, blijkt zij dat poseren toch aardig onder de knie te hebben gekregen. Oefening baart kunst, natuurlijk. En trouwen doe je in beginsel maar één keer. Zeker op deze manier.
En die wachtlijsten dan? “We denken er over na om dit nog een keer te doen”, zeggen de bodes. Daar moet nog een ei over worden gelegd, maar als het aan de bodes ligt, komt dat vervolg er vast en zeker. “En wie weet”, grapt er één, “komen ze hier over een jaar of wat terug om helemaal echt te trouwen.” Enschede doet aan klantenbinding.