Bewust zijn van je sterfelijkheid zorgt voor een leven in lijn met wat je écht wil. Dat is in een notendop waar het boek Licht leven, licht sterven van Enschedeër Joost van den Heuvel Rijnders over gaat. Vanaf 1 september ligt ‘ie in de winkel. “Het boek is een pleidooi om een doodsvriendelijke houding te hebben. Laten we het er met elkaar over hebben, dat zorgt voor levenskunst.”
Het is geen boek over de dood. Tenminste, niet echt. Het gaat vooral over het leven voor dat einde. Van den Heuvel Rijnders wil je met de neus op de feiten drukken. “We hebben maar een korte tijd hier.”
Aanleiding voor het schrijven was geen groot verlies, geen sterfgeval in de directe omgeving. Wat dan wel? “We weten nou eenmaal dat we sterfelijk zijn. Vertrouwd zijn met eindigheid helpt ons om het leven als een kostbaar geschenk te beschouwen.”
De Enschedeër beoefent sinds 1995 vipassana, een vorm van boeddhistische inzichtmeditatie. Hij verbleef ruim drie jaar in boeddhistische kloosters in Myanmar en Nepal. Inmiddels geeft hij al jaren trainingen en retraites. Die achtergrond klinkt ook duidelijk door in licht leven, licht sterven. Vergankelijkheid, loslaten en leren omgaan met onzekerheid zijn belangrijke thema’s in het boek. Bij het boek zijn ook begeleidende meditaties te volgen.
Die interesse in meditatie kwam niet uit het niets. “Ik was vroeger heel gestresst, veel bezig met uitgaan, drinken, buitenkant.” Toen hij negentien was, logeerde hij bij zijn oom en tante. Zij hadden in India aan yoga en meditatie gedaan. “Dat interesseerde me enorm.” Het werd het begin van een pad dat leidde naar zijn huidige werk. En uiteindelijk ook naar dit boek.
Volgens Van den Heuvel Rijnders zijn we in Nederland steeds verder van de dood af komen te staan. We leven minder samen met oudere generaties, zijn individualistischer geworden en ook het afscheid wordt vaak grotendeels uit handen genomen. De dood is daarmee minder zichtbaar geworden als onderdeel van het leven.
In Nepal zag hij hoe het ook kan. In 2022 was hij in Kathmandu, bij de Pashupatinath-tempel aan de heilige Bagmati-rivier. Daar vinden dag en nacht crematies plaats. “Dierbaren werden gewassen en vervolgens in brand gestoken. Zoals dat daar gaat. Tegelijkertijd werd aan de overkant van de rivier door drie hindoepriesters een vuurceremonie geleid. En het leven gevierd. Toen dacht ik: zo hoort het te zijn.”
Juist dat naast elkaar bestaan van dood en leven spreekt hem aan. Niet wegstoppen, maar er ruimte voor maken. Ook als je niet weet wat er daarna komt. “Je hoeft de vraag niet te beantwoorden, je hoeft het niet te weten. De oefening zit ‘m juist in omgaan met die onzekerheid. Nadenken over de dood is ook het binnenlaten van spanning. Oké zijn met het niet weten. Of met bang zijn.”
Die gedachte komt ook terug in het boek. Aan het einde van ieder hoofdstuk staan gedachte-oefeningen. Bijvoorbeeld: hoe mag jouw dood eruitzien? Of: hoe werd rouw geuit binnen jouw familie? Niet om mensen voortdurend met de dood bezig te laten zijn, maar juist om eerder stil te staan bij wat belangrijk is.
“Je kent de verhalen van mensen die nog maar een half jaar te leven hebben en ineens doorhebben waar het voor hen over moet gaan. Meer tijd doorbrengen met familie bijvoorbeeld. Of tegen die persoon nog iets zeggen.”
Dat besef speelde ook mee in zijn eigen leven. Van den Heuvel werkte zeventien jaar als geschiedenisdocent. Ondertussen was hij al actief in de meditatiewereld en kreeg steeds meer mogelijkheden om daarmee verder te gaan. “En dus moest ik mij af gaan vragen: waar ligt mijn hart helemaal?” Uiteindelijk koos hij ervoor zijn baan op te zeggen. “Ik ben nu volledig gestopt als docent en richt me op waar ik toe op aard ben: mensen begeleiden op het pad van innerlijke groei.”
Volgens de Enschedeër past nadenken over de dood niet zo goed bij de manier waarop we tegenwoordig leven. We zijn gewend geraakt aan het idee dat we veel zelf kunnen bepalen. Wat we eten. Waar we wonen. Welke opleiding we volgen. Hoe we eruitzien. “Als we maar gezond genoeg leven, blijven we misschien ook nog een beetje jong. Daar is alles op gericht: jeugdigheid, buitenkant.”
Maar de dood laat zich niet plannen. “Die klopt op de deur als je hem niet verwacht. En die is niet handig, want je hebt andere plannen met het leven.”Juist daarom kan het volgens hem helpen om eindes te vedragen. Niet alleen die grote dood, maar ook de kleinere eindes in het leven: een relatie die stopt, met pensioen gaan, een verhuizing. “De mens wil geen verandering. Als je iets leuk vindt, wil je niet dat het stopt. Het leven is soms al lastig genoeg. Dan gaan we extra goed op zekerheden.”
Lees verder onder de afbeelding.
En dus gaat zijn boek uiteindelijk niet alleen over sterven. Het gaat over de vraag wat je doet met de tijd die je hebt. “Het boek is een pleidooi om een doodsvriendelijke houding te hebben. Laten we het er met elkaar over hebben, dat zorgt voor levenskunst.”
Joost van den Heuvel Rijnders
Aantal pagina’s: 210
Uitgeverij: 30NOW Uitgevers
De boekpresentatie vindt plaats op 6 februari in Boekhandel Broekhuis in Enschede tussen 14.30-16.00 uur. Meer info vind je daarover hier.