De profronde van Almelo moet het al jaren doen zonder aansprekende namen. Ze zijn simpelweg te duur geworden. De populariteit van het Nederlandse vrouwenwielrennen is (helemaal na de recente Tour-successen) als een raket omhoog geschoten. De dames zouden de ronde weer aantrekkelijk kunnen maken. ''Ze komen graag in Almelo rijden en zijn nog betaalbaar."
De profronde van Almelo staat voor de laatste vrijdag van deze maand op het programma. De hoop is ieder jaar weer gevestigd op de komst van een of twee topcoureurs van naam. En dat blijkt al een aantal jaren ijdele hoop. Het eerste echelon is simpelweg te duur en bovendien zorgt een bombolle wedstrijdkalender ervoor dat de gewenste publiekstrekkers vaak verplichtingen elders hebben.
Het wielerpubliek uit de wijde omtrek is inmiddels afgehaakt. De tijden dat renners als Bram Tankink, Bouke Mollema, Dylan Groenewegen en Tom Veelers door een grote menigte in de Almelose binnenstad werden toegejuicht, liggen ver achter ons. Om nog maar niet spreken over iconen uit een nog grijzer verleden als Erik Zabel, André Greipel, Mario Cipollini of Paolo Bettini. "En die tijden komen nooit meer terug", verzekert wielerfotograaf Dick Soepenberg als ingewijde van het vrouwenwielrenen.
In het wereldje van de wielercriteriums voor profs gaan er ineens stemmen op om het over een andere boeg te gooien door er een profronde voor vrouwen van te maken. "Dit is een goed moment om daar in te stappen", is Soepenberg van mening. "Demi Vollering wint de Tour de France en vier van de drie truien zijn veroverd door Nederlandse rensters; het geel voor Vollering, Groen voor Lorena Wiebes, terwijl Puck Pieterse de bolletjestrui veroverde. Daar komt het grote publiek wel op af."
Soepenberg wordt in die veronderstelling gesteund door Ashwin Kruders, de in Spanje woonachtige Gorenaar die als manager de belangen van zo'n veertig (prof)rensters behartigt met zijn AK Sport Promotions. De vraag is alleen of dat haalbaar is. "Ja, dat is haalbaar. Ofschoon gelijke beloning voor mannen en vrouwen de norm zou moeten zijn, ligt de marktwaarde van wielrennende vrouwen voorlopig nog veel lager dan die van de mannen. Bovendien biedt de kalender bij de vrouwen nog ruimte voor criteriums."
Kruders noemt de Ronde van Lekkerkerk als voorbeeld van de grote populariteit van het vrouwenwielrennen. "Die organisatie heeft voor een vrouwenwedstrijd gekozen als hoofdprogramma en er staat gewoon 20.000 man langs de kant. Je weet niet wat je ziet. De rensters zijn nog betaalbaar en komen maar wat graag om hun sport te promoten. Met de successen van Nederlandse rensters op het internationale podium als de Tour de France femmes is dit hét moment voor organisaties om in het vrouwenwielrennen te stappen."
Dat zal dit jaar in Almelo niet meer gebeuren. De eerste renners zijn immers al vastgelegd. De komst van onder anderen Huub Artz, Wies Nuyens, Teun Veelers, Pim Ronhaar, Yoeri Havik, Chiel Schulten, Jelle Weierink, Danny Kroeze en Kjeld Nuis staat al vast. Of het de organisatie dit jaar wel lukt om die publiekstrekker uit de hoge hoed te toveren zal de tijd leren. De profronde staat voor 28 augustus op het programma, in het weekend van Open Air Almelo.