Floortje van Loon (53) deelt haar aangrijpende levensverhaal met de expositie ‘Het is niet wat het lijkt’ in het Huis van Katoen en Nu. De digitale fotocollages waar ze zichzelf mee uit, zijn speciaal voor deze tentoonstelling op groot formaat geprint en vormen een mix van verdriet, kracht, gemis en eigenzinnigheid. De expositie wordt zondag officieel geopend.
De titel van de expositie, ‘Het is niet wat het lijkt’, vat de levenshouding van Van Loon samen. “Mensen zien een vrouw in een rolstoel of iemand met een moeilijke geschiedenis, maar dat is niet het hele verhaal”, legt de Almelose kunstenares uit. In haar kunst onderzoekt ze hoe snel oordelen worden geveld en hoe weinig ruimte er vaak is voor nuance. Ze ziet en doorziet situaties die anderen ontgaan en weet die te vangen in krachtige, soms poëtische beelden. “Je ziet nooit het complete beeld en dat laat ik zien in mijn werk.”
Het levensverhaal van Van Loon begint in Bellville, een voormalige stad in de West-Kaap en tegenwoordig een voorstad van Kaapstad. De kunstenares werd hier in 1972 samen met haar tweelingzus geboren. Haar ouders waren twee jaar eerder met hun gezin vanuit Nederland naar Zuid-Afrika geëmigreerd, op zoek naar een nieuw bestaan. “Mijn vader wilde een andere uitdaging, een ander leven.”
Een half jaar na haar geboorte bleek dat Van Loon een lichamelijke beperking had. Ze ontwikkelde zich traag en bracht haar vroege kinderjaren door in een revalidatiecentrum. “Ik kon pas op mijn derde lopen. Ik liep ver achter in mijn ontwikkeling vanwege mijn motoriek.”
In 1978 keerde het gezin terug naar Nederland. Een jaar later volgde de scheiding van haar ouders. Voor Van Loon begon een moeilijke jeugd, getekend door onveiligheid en onbegrip. “Mijn ouders gaven ons het gevoel dat mijn zusje en ik als nakomertjes niet gewenst waren. Dat heeft diepe sporen nagelaten.”
Het ging van kwaad tot erger. “Mijn moeder mishandelde mij en dat ontdekten ze op school.” Op haar twaalfde ging ze daarom bij haar vader wonen, terwijl haar tweelingzus bij haar moeder bleef. De afstand werd zowel letterlijk als emotioneel steeds groter.
Het wonen bij haar vader thuis ging niet van een leien dakje. “Ik kon eigenlijk niet bij mijn vader wonen. Hij woonde in Nieuwegein en de Mytylschool (een aangepaste school voor kinderen met een lichamelijke handicap, red.) in Arnhem was te ver weg. Het revalidatiecentrum bevond zich naast de school. Toen ben ik daar drie jaar intern gaan wonen en in de weekenden verbleef ik bij mijn vader.” Die periode ervaart ze als een kantelpunt. “Daar heb ik mijn jeugd ingehaald. Voor het eerst voelde ik vrijheid en was ik niet langer alleen maar dat stille en angstige meisje.”
Maar het noodlot sloeg hard toe. Haar tweelingzus, met wie zij een bijna onbreekbare band had, overleed op zestienjarige leeftijd door zelfdoding. “Dat gemis gaat nooit meer weg.” Ze voegt daaraan toe: “Het hoeft ook niet. Het zit verweven in wie ik ben en in wat ik maak.” Op haar zesentwintigste verloor ze ook haar moeder en een jaar later haar oudste broer. Door het overlijden van meerdere gezinsleden viel het gezin verder uit elkaar. “Op een gegeven moment dacht ik: ‘iedereen gaat maar dood. Misschien ligt het aan mij’.”
Die gedachte mondde uit in een eetstoornis. In 2002 werd ze opgenomen vanwege anorexia. Jaren van therapie, opnames en begeleid wonen volgden. Ze moest leren overleven in een lichaam dat steeds kwetsbaarder werd. Uiteindelijk belandde ze in een rolstoel. Toch kwam er langzaam ruimte voor iets nieuws. “Op een gegeven moment dacht ik: ‘ik kan doodgaan of ik kan leven’. Zo simpel is het niet, maar het werd wel mijn uitgangspunt.”
In Almelo, waar ze in 2005 naartoe verhuisde, begon dat nieuwe leven vorm te krijgen. Na jaren van strijd, zorg en afhankelijkheid voelde ze dat ze een uitlaatklep nodig had. “Ik had een mening en was begaan met de wereld, maar ik kon dat nergens kwijt.” Op haar eenenveertigste besloot ze te beginnen met het verbeelden van haar gevoelens. Zonder opleiding, maar met een enorme drang om te vertellen wat er in haar leefde. Ze leerde werken met Photoshop en liet zich inspireren door beelden op Instagram en in musea. “Ik ben autodidact. Met knippen, plakken en combineren vond ik mijn eigen taal.”
Lees verder onder de afbeelding.
Met haar eerste solo-expositie van recent werk treedt de Almelose kunstenares naar buiten met een oeuvre dat is gevormd door een leven vol verlies, maar ook door veerkracht en verbeeldingskracht. ‘Het is niet wat het lijkt’ is niet alleen een titel, maar een uitnodiging: om verder te kijken, om te voelen wat onder de oppervlakte schuilgaat en om te erkennen dat achter elk beeld en achter elke mens een verhaal schuilt. "Er zit meer achter dan wat je op het eerste gezicht ziet. Met mijn werk wil ik dan ook een statement maken.”
De expositie is gratis te bewonderen in het Huis van Katoen en Nu aan het Marktplein 35 in Almelo. Op zondag 18 januari wordt de tentoonstelling geopend door Van Loon. Haar werk is te zien tot 28 februari 2026.