De failliete directeur (41) van het Hengelose zorgbureau DKB Thuiszorg moet een werkstraf van 240 uur uitvoeren. De bestuurder ging met zijn bedrijf de boot in nadat hij honderdduizenden euro's van het zorgbureau vergokte aan de pokertafel. Ook mag hij van de rechter drie jaar lang geen bedrijf op naam hebben.
De in Wierden woonachtige bestuurder van DKB heeft volgens de rechter jarenlang grote bedragen van de bedrijfsrekening gehaald. Daarnaast had hij in de jaren voordat het zorgbureau in 2022 op de fles ging de administratie totaal niet op orde.
Tot overmaat van ramp werkt de 41-jarige zorgdirecteur na de val van zijn bedrijf de curator tegen tijdens het onderzoek naar de oorzaak van het faillissement. Hij levert nauwelijks stukken aan, blijft onbereikbaar en opent zijn brieven niet. Pas nadat hij in gijzeling wordt genomen, komen de documenten mondjesmaat vanuit de gevangenis boven water. "Volgens de curator is het na het faillissement een chaos; er lagen overal losse papieren en ongeopende enveloppen in het kantoor", zo staat in het vonnis van de rechtbank.
De gevolgen van het faillissement zijn groot. Schuldeisers blijven met lege handen achter en de afwikkeling van het bankroet loopt enorme vertraging op. "Verdachte heeft het vertrouwen dat in hem als ondernemer en bestuurder van een rechtspersoon mag worden gesteld beschaamd", oordelen de rechters.
De man vertelt twee weken geleden in de rechtbank dat hij ten tijde van het faillissement in een diep dal heeft gezeten. Hij drinkt op dat moment veel, gokt nachtenlang in illegale pokerzalen en kampt met problemen in de privésfeer. "Ik wilde graag meewerken met het onderzoek van de curator, maar ik zat met mijzelf in de knoop."
De officier van justitie vindt tijdens de inhoudelijke behandeling de maximale taakstraf van 240 uur een passende straf. De rechtbank sluit zich daarbij aan en benadrukt dat er in zaken zoals deze normaal gesproken een onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd. De persoonlijke problemen van de man gelden echter als verzachtende omstandigheden. Als stok achter de deur legt de rechtbank wel zes maanden voorwaardelijk op.
Naast de werkstraf bepaalt de rechter dat de Wierdenaar drie jaar lang geen bedrijf mag runnen. "Om het gevaar in te perken dat verdachte zich in de toekomst opnieuw schuldig zal maken aan het plegen van soortgelijke feiten."