De Syrische advocaat Samer Awad (38) woont al anderhalf jaar in de noodopvang in het Van der Valk Hotel Hengelo. Bij 1Twente doet hij zijn verhaal: "Ik wil me mengen tussen de mensen en bijdragen aan het leven hier."
Awad studeerde rechten in Syrië en werkte daar als advocaat. Ook schreef hij zeventien boeken over politiek, geschiedenis, religie en recht, uitgegeven in Syrië en Libanon. Zijn kennis bracht hem geregeld aan talkshowtafels en zorgde voor bekendheid in beide landen.
Eenmaal in Nederland moest hij weer op nul beginnen: “Mijn certificaten gelden hier niet. Om weer advocaat te worden, moet ik meer dan vier jaar studeren. Dat is erg lang, dus ga ik proberen mijn ervaring op een andere manier in te zetten.”
Awad wil blijven bouwen aan zijn carrière en tegelijkertijd een plekje vinden in de Nederlandse samenleving. Zijn reis door Nederland ging via Assen, Ter Apel, Leiden, Scheveningen, Amsterdam en Den Haag. Sinds begin vorig jaar woont hij in Hengelo. Het bevalt 'm hier: “Ik houd van Nederland en van de taal. Ik heb alleen maar goede ervaringen hier. Daarom wil ik mij echt mengen tussen de mensen en bijdragen aan het leven hier.”
Awad hoopt ooit aan de slag te kunnen bij een grote organisatie, zoals het Internationaal Strafhof in Den Haag. “Mogelijk ga ik daar binnenkort stagelopen of freelancen. Uiteindelijk hoop ik in vaste dienst aan de slag te kunnen bij zo'n organisatie.”
Het Internationaal Strafhof, gevestigd in Den Haag, is een permanent gerechtshof dat sinds 2002 individuen vervolgt voor de zwaarste misdrijven: genocide, oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid. Het Hof treedt alleen op wanneer nationale rechtbanken niet in staat of niet bereid zijn om zelf vervolging in te stellen.
Tegelijkertijd werkt hij hard aan zijn taalvaardigheid. Twee keer per week gaat hij naar de bibliotheek in Hengelo, waar vrijwilligers hem helpen met Nederlands. “Ik gebruik mijn tijd om Nederlands te leren en mijn Engels te verbeteren. Dat is belangrijk, want hoe kan ik contact maken met Nederlanders als ik de taal niet spreek?”
Daarnaast doet hij vrijwilligerswerk bij zorgorganisatie TMZ. Daar spreekt hij wekelijks met ouderen, waaronder een vrouw van 102. “Zij heeft de Tweede Wereldoorlog meegemaakt. Van haar verhalen leer ik veel, omdat ik veel kan relateren aan mijn eigen ervaringen met oorlog.”
Awad, die afkomstig is uit Latakia, een stad aan de Middellandse Zee, heeft zelf niet gevochten en ook geen familie verloren in de oorlog. Zijn ouders wonen er nog, vrouw en kinderen heeft hij niet. Hij is gevlucht omdat zijn toekomst en veiligheid in Syrië erg onzeker was.
Hoewel het Assad-regime is gevallen, weet hij nog niet wanneer hij ooit terug wil. De Nederlandse overheid nam na de val van Assad een half jaar lang geen asielaanvragen in behandeling, maar is daar in juni weer mee begonnen. Hij hoopt snel duidelijkheid te hebben. "Hopelijk mag ik hier voor nu blijven. Of ik ooit terug wil? Dat ligt aan de ontwikkelingen hier en hoe de situatie daar zich ontwikkelt."
De noodopvang in het Van der Valk Hotel Hengelo, biedt plaats aan ongeveer 130 mensen. Hieronder vallen families, maar ook alleenstaande mensen. “Op onze verdieping hebben wij een soort huiskamer. Die is voor iedereen. Wij ontvangen eens in de zoveel tijd ook een leraar die ons helpt met Nederlands leren. Dan zit die huiskamer vol.”
Hoewel de integratie moeizaam verloopt, waardeert Awad de samenleving waarin hij terecht is gekomen. “Nederlanders zijn nauwkeurig en duidelijk, dat is in Syrië anders,” zegt hij. “Hier in Hengelo heb ik mijn leven voor nu wel een beetje op een rijtje. Ik heb een eigen kamer en tijd om te studeren. De privacy in dit azc is voor mij heel belangrijk, en daar ben ik dankbaar voor.”
In andere azc's is dit anders, weet Awad. “Ik ben in Nederland bevriend geraakt met verschillende vluchtelingen. Een vertelde op een kamer te liggen met vier anderen. Dan heb je amper privacy. Hier heb ik tijd voor mijzelf, privacy en veel mogelijkheden. Het biedt een extra beetje vrijheid en ook rust.”
Al zou hij in Nederland mogen blijven, Awad is zeker van plan om Hengelo ooit achter zich te laten. “Als ik verder wil in mijn vak is het westen aantrekkelijker voor mij. Ik weet niet voor hoelang ik hier blijf, echter geniet ik wel van mijn tijd hier in Hengelo.”