Rosalie Veenhuizen (34) besloot in december mee te gaan doen met de gemeenteraadsverkiezingen. Ze had zich even daarvoor aangesloten bij de Partij voor de Rechtsstaat (PvdR). Een belangrijk motief: er gebeurt te weinig met vrouwveiligheid. “We hebben het er alleen maar over en het helpt niet. We moeten iets doen dat helpt.”
Het is niet het enige thema dat voorbijkomt in het partijgesprek met ‘new kid on the block’ Partij voor de Rechtsstaat. Over vrouwveiligheid gesproken: ook in de jeugdzorg zijn vrouw en hun kinderen te vaak de dupe van onzorgvuldige beslissingen als gevolg van tijdsdruk en de kritische blik van inspecties. En natuurlijk gaat het ook over dat waar de partij haar naam en inspiratie aan ontleend: herstel van vertrouwen in de rechtsstaat.
Dat PvdR in Enschede net een voet aan de grond heeft gezet, blijkt uit het partijprogramma. Veel moet nog worden uitgekristalliseerd. Op papier en in het hoofd van Veenhuizen. Ze zoekt naar woorden om wat ze wil concreet te maken. Maar haar verhaal is doorspekt van Enschedese voorbeelden. Het gaat wel ergens over. En dat is concreet.
Wat opvalt is dat Veenhuizen vooral een preventieve aanpak voorstaat. Voorkomen is beter dan genezen. En daarbij begint ze bij de vrouwen zelf. “Wij hebben er last van.” Een voorbeeld: de gemeente zou een gratis zelfverdedigingscursus voor vrouwen aan moeten bieden.
Lees verder onder de afbeelding.
Maar ook mannen kunnen een bijdrage leveren aan het voorkomen van ongewenst gedrag of erger. Te beginnen bij horecapersoneel en studenten, daar waar de concentratie van plezier maken het grootst is. Ook zij kunnen leren hoe signalen van niet gewenste intimiteit te herkennen en vrouwen te hulp te schieten zodra dat nodig is.
Nederland - en ook Enschede - telt veel te veel uithuisplaatsingen. Volgens Veenhuizen leidt twintig procent van de meldingen over misstanden in de thuissituatie tot een uithuisplaatsing. Ter vergelijking: in Scandinavische landen is dat een paar procent.
“Er is hier geen norm vastgesteld”, zegt de PvdR-voorvrouwe. Zeven dagen onderzoek in die Scandinavische landen, hier vaak een paar uurtjes. Of minder. Het gevolg van tijdsdruk en een gebrek aan expertise (volgens de inspectie). Veenhuizen kent voorbeelden.
Moeders die pakken papier over hun situaties verzameld hebben. Geen tijd om zo’n dossier zorgvuldig te kunnen doornemen. Het gevolg: de zaak loopt uit de hand en als er wordt ingegrepen, is dat op grond van een half verhaal. Niet alle feiten zijn goed uitgeplozen.
Daar ligt, wat haar betreft, ook een link met het vertrouwen in de rechtsstaat: richten we dat hele systeem van wetten en regels beter in, dan doen die regels wat ze moeten doen. Mensen in kwetsbare posities worden geholpen. Dat schept vertrouwen.
Als het aan de PvdR ligt, verdwijnt ook de onschendbaarheid van ambtenaren. Maken die ernstige fouten, dan hebben die geen persoonlijke consequenties. De wet verleent hen nu onschendbaarheid. “Maar dan wordt er dus geen verantwoordelijkheid genomen.”
Lees verder onder de afbeelding.
Ingewikkeld thema, die ambtelijke onschendbaarheid. Dat erkent Veenhuizen. Ambtenaren handelen niet op eigen titel, maar voeren overheidsbeleid uit. Bestuurders dragen de verantwoordelijkheid voor dat beleid en dus voor wat ambtenaren doen. De Toeslagenaffaire is wat Veenhuizen betreft een voorbeeld van wat er dan mis gaat. Er wordt niet van fouten geleerd en misstanden slepen jaren voort.
Herstel van vertrouwen in de rechtsstaat omvat ook heel praktische thema’s, vindt Veenhuizen. Bouwen, bijvoorbeeld. Doe je dat niet klimaatadaptief, dan betalen anderen straks de rekening. Anders gezegd: beleid voor de korte termijn of een gebrek aan daadkracht en keuzes bij belangrijke onderwerpen, tast ook het vertrouwen aan.
Niet alles is lokaal op te lossen, weet Veenhuizen. Zo’n wetsregel die ambtenaren beschermt moet in Den Haag worden aangepast. Maar wat zij in de komende jaren kan doen om de positie van vrouwen en kinderen in Enschede te verbeteren en lokaal beleid bij te sturen in een richting van wat mensen nodig hebben, nu en in de toekomst, zal ze niet laten.