longread
14 aug. 2020

Roy de Witte: “De strijd is nog niet gestreden”

Nul Euro naar Twentse theatermakers, muzikanten en gezelschappen. Zo luidde het advies van het Fonds voor de Podiumkunsten vorige week. Gedeputeerde uit de Overijsselse Staten Roy de Witte zei een paar lelijke dingen maar toont zich strijdbaar.

Roy de Witte
Roy de Witte © Robin Hilberink, © TC Tubantia

De Witte wilde de woorden die hij maandag bezigde bij 1Twente Vandaag niet herhalen. Hij gebruikte passender formulering, met in de kern dezelfde boodschap: geen enkel positief advies is ronduit teleurstellend, verdrietig zelfs, en niet terecht en passend bij het coalitieakkoord van de regering in de lijn van het ministerie.

Systeem klopt niet

Dat het moeilijk zou worden, was geen verrassing voor de gedeputeerde. “De concurrentie is groot en er waren meer aanvragen. Vier jaar geleden was de eerste ronde ook negatief; toen hebben via lobby nog extra geld kunnen krijgen.” Daarmee geeft hij maar aan dat de neiging om de randen van cultureel Nederland over te slaan, de desinteresse of het onbenul ten aanzien van wat er buiten de Randstad gebeurt niet nieuw zijn.

“Het hele systeem van die nationale fondsen klopt niet”, aldus De Witte. “Onze instellingen zijn heel goed, maar ze kunnen er niet tegenop, zo.” Over de constatering dat het Fonds geen enkele rekening heeft gehouden met regionale spreiding zei hij: “De lijn van het coalitieakkoord en ook van het ministerie is juist extra investeringen doen in de regio’s, dus kijken naar regionale spreiding.”

Dat Overijssel in die andere cultuurpot, de Basisinfrastructuur (BIS), wel goed geboerd heeft, is fijn voor de top van de piramide, stelde De Witte. “Daar is die BIS voor bedoeld. Maar het tussensegment valt nu weg, en zonder top geen midden en zonder midden geen top.”

Hand in eigen boezem

De Witte vindt wel dat de regio ook naar zichzelf moet kijken. “De aanvragen waren misschien niet goed genoeg.” De Provincie heeft ook reden om naar zichzelf te kijken, maar dat schermde de gedeputeerde enigszins af. Onlangs besloot de Provincie nog alleen te co-financieren: alleen makers, gezelschappen en instellingen die een nationale bijdrage ontvangen krijgen een provinciale bijdrage. Daarmee vaart de Provincie op de beoordeling van de kwaliteit door derden - in dit geval pakt dat dubbel desastreus uit: geen enkel positief advies van het Fonds voor de Podiumkunsten betekent meteen ook geen geld uit de Provincie. Er zou veel voor te zeggen zijn - zeker in het geval het systeem van die nationale fondsen niet deugt, zoals de gedeputeerde stelde, om zelf de beoordeling te doen van welke cultuurclubs in de Provincie een bijdrage krijgen.

De Witte heeft schriftelijke vragen aan de Tweede Kamer gesteld en met de woordvoerders van de meeste partijen gesproken. “Volgende week spreek ik de wethouders en mijn collega-gedeputeerden. De druk gaat wel ontstaan. Ik ga er vanuit dat de Tweede Kamer heel goed gaat kijken naar wat ze nog kunnen doen. De strijd is nog niet gestreden.”