Het Enschedese CDA. Zo staat het op en in het programma waarmee de partij meedoet aan de gemeenteraadsverkiezingen in de grootste stad van Overijssel. “We zijn allemaal Enschedeërs en we doen het met en voor Enschede.”
Dat CDA-partijprogramma is, even afhankelijk van hoe je het wilt formuleren, best vaag. Het staat bol van termen als ‘kansen pakken’, ‘samenwerken’ en ‘verbinden’, maar een zoektocht naar wat dat concreet betekent, levert een bescheiden lijstje op. ‘Doe mee!’ staat er op het omslag. Vraag is alleen: waaraan precies?
In het partijgesprek met lijsttrekker Mart van Lagen en Hermen Schotanus, de nummer twee op de lijst, hebben we geprobeerd de lokale christendemocraten wat meer kleur op de wangen te ontlokken. Of dat is gelukt, is aan de luisteraar. En de kiezer.
Van Lagen en Schotanus wilden het hebben over ‘noaberschap’; veel Enschedeërs gaven in een vragenlijst aan weinig vertrouwen in de toekomst van de gemeente te hebben en wij waren benieuwd welke klimaatplannen het CDA voor de stad heeft.
Noaberschap. Typisch Twents, denken we. Een misvatting, maar dat laat onverlet dat het CDA voor veel van de grote vraagstukken van de stad zwaar leunt op samenwerkingen en sociale netwerken in de stad zelf. De overheid moet faciliteren, de stad moet het gaan doen.
Voor de echt grote klussen ziet het CDA wel een rol voor de gemeente. Neem de woningbouwopgave. Er moet worden gebouwd, maar het CDA wil vooral dat er dan ook wordt samengeleefd. In nieuwe wijken en complexen moet plek zijn voor ontmoeting - verenigingen, cultuur, sport en religieuze verbanden - en groen. Wijken die aanvoelen als een dorp, met voorzieningen dichtbij.
‘Een sterke samenleving vanuit de stenen die we plaatsen’ noemt Van Lagen het. Met het herbouwde Roombeek als voorbeeld: in samenspraak met inwoners. Hoe dat voor de verschillende bouwprojecten precies vorm moet krijgen, wordt niet duidelijk.
“Vertrouwen in de overheid begint een verhaal dat kloppend is”, zegt Van Lagen. “Je moet geen gouden bergen beloven, geen belofte doen die je niet waar kunt maken.” Dat doet het CDA dan ook niet. Het verkiezingsprogramma is vooral een visiedocument. Het geeft een richting aan, bergen vind je er niet.
Investeren in bereikbaarheid, sportvoorzieningen op orde houden, zegt de CDA-voorman. Hoe die bereikbaarheid eruitziet, wat er op sportgebied concreet nodig is, blijft onduidelijk. “Niet in beton gieten hoe je een en ander organiseert”, zegt hij erbij. “Ga nou eens in gesprek.” Hij hekelt online enquêteformulieren en nieuwsbrieven; daar krijg je geen participatie mee van de grond.
Het CDA wil ‘aanspreekpunten in elke wijk’, plekken waar inwoners met vragen en ideeën terechtkunnen. Met het Wijkcafé aan de Polmansweg als voorbeeld. De stad heeft nog ‘witte vlekken’ genoeg, wat hem betreft. Zo heeft de Helmerhoek geen wijkraad of ander orgaan meer waar je als bewoner makkelijk terechtkunt.
Lees verder onder de afbeelding.
Hoe die aanspreekpunten zich verhouden tot de Wijkwijzers of de Wijkteams, wat voor mensen daar invulling aan moeten geven en welk mandaat zijn krijgen om iets voor inwoners te doen, laat hij in het midden. Van Lagen wil wel een Noaberfonds, een pot geld dat in aanvulling op wijkbudgetten wordt ingezet voor voorzieningen waar inwoners om vragen.
Wel concreet wordt het als de CDA’ers beginnen over een Verenigingsvisie. De christen-democraten pleiten voor een document waarin de lijnen worden uitgezet om het verenigingsleven in de stad levend te houden. Inclusief de benodigde financiële middelen, al houdt Van Lagen daar een slag om de arm. Ook dat hangt af van wat je dan precies met elkaar wilt. “Dan moet je kijken wat je kunt doen.”
Het gaat er weinig over in deze gemeenteraadscampagne, maar je kunt er vergif op innemen dat het een politiek en maatschappelijk thema blijft: het klimaat en de energietransitie. Ook als het daar om gaat, staat de stad voor grote opgaven. Het CDA mikt ook hier op ontwikkelingen van onderop, vanuit de samenleving.
In het verkiezingsprogramma komt de term ‘energiegemeenschappen’ regelmatig voorbij. Die is ontleend aan de nieuwe Energiewet en beschrijft groepjes inwoners die gezamenlijk zorgen voor opwek en opslag van energie.
Wie goed naar Van Lagen luistert, hoort dat het CDA het tempo van de energietransitie aanpast aan het tempo waarin inwoners die handschoen oppakken. “Dan moet je misschien meer geduld hebben, maar dan heb je de inwoners wel mee.” Plannen voor grootschaliger opwek of wanneer die transitie van onderop niet snel genoeg gaat, lees je niet.
In de klimaatparagraaf doet het CDA dan wel de belofte dat over vier jaar geen inwoner meer bang hoef te zijn voor overstromingen. Het is een van de weinige beloftes die je er vindt. En eentje die geen mens waar kan maken. Dat Enschedese watersysteem is ingewikkeld en er zijn enorme ingrepen nodig om de stad tegen hevige regenval te beschermen. Tijd en geld en veel meer dan in een paar jaar te realiseren is.
Van Lagen moet er zelf een beetje om lachen. “Maar hier zie ik wel echt een taak voor de overheid.” Het CDA geeft er een richting mee aan: deze kant moet het op. Hoe precies, moet nog blijken.