Enschede

Bijna alle bewoners van Cypressenhof besmet met corona: ‘Iedereen denkt dat het rustig wordt, maar wij zitten er middenin’

Van de 25 ouderen met dementie die op De Cypressenhof in Enschede wonen heeft het merendeel corona. Ook een groot deel van het personeel is ziek. Een handjevol bewoners wordt afgeschermd op de enige overgebleven âschoneâ afdeling.

459674 cypressenhof
Lilian ten Donkelaar | Tubantia

Acht weken wist De Cypressenhof aan de Hengelosestraat het virus buiten de deur te houden. Alle maatregelen waren getroffen in het kleinschalige wooncomplex voor ouderen met dementie. 1,5 meter afstand, alles ontsmetten, de deur op slot. En toen ging er iets mis. Was het een leverancier die iets langsbracht dat niet schoon was? Een ongemerkt besmet personeelslid dat op het verkeerde moment hoestte? Wat het ook was geweest: op 1 mei testte één van de bewoners positief op corona.

Eerst patiënt
En toen stortte de zaak als een kaartenhuis in. âDe eerste dag hadden we er één, de tweede dag vier...â, zegt bestuurder André Kok. De eerste patiënt werd in een leegstaande kamer geïsoleerd, in de hoop het daarmee onder controle te houden. Maar dat bleek een illusie. âDaarna hebben we het geprobeerd te isoleren op één afdeling. Dat werden er al snel twee.â

Bijna iedereen besmet
Binnen een paar dagen had het virus het hele complex aan de Hengelosestraat in zijn greep. Nu twee weken later zijn bijna alle 25 bewoners besmet en bovendien een fors deel van het personeel. Drie bewoners zijn inmiddels overleden. Alleen de derde afdeling is nu nog coronavrij. Daar woont nu het overgebleven handjevol gezonde ouderen, afgeschermd van alles.

In de frontlinie
Verzorgende Ruth Schellevis was aan het werk op de dag dat de uitslag binnenkwam. âDat was even goed slikken, het was al zoveel weken goed gegaan.â Ruth is 24. Toen ze ruim drie jaar geleden aan het werk ging bij Manna had ze niet kunnen bedenken dat ze in de frontlinie van een pandemie terecht zou komen.

Niet naar de intensive care

Want de bewoners van een verpleeghuis zoals De Cypressenhof gaan meestal niet naar de intensive care in het MST als ze echt ziek worden, ze blijven waar ze zijn. Op hun kamer, in hun vertrouwde omgeving met hun eigen verpleegkundigen. Daar sterven ze.

Laatste levensfase
De zorg voor de zieke oudere bewoners in het afgegrendelde complex trekt een zware wissel op het personeel, dat nu beschermende pakken aan moet. Ze leggen zuurstofmaskers aan, stellen bewoners gerust en blijven aan hun zijde. âWe begeleiden de mensen hier liefdevol door de laatste levensfase, dat geeft ons ook troostâ, zegt Ruth.

Veel praten helpt
Het personeel dat zelf besmet is komt er tot nu toe met griepklachten vanaf. Toch is er wel spanning. Werken in een brandhaard is nu eenmaal een risico. âMaar we houden van ons werk en we houden ervan om mensen te verzorgenâ, zegt Ruth. Wel is er een nazorgteam opgericht, om een zware dag van je af te praten of steun te zoeken. Er wordt onderling ook veel gepraat, zegt Ruth, want dat helpt. Collegaâs laten bijvoorbeeld briefjes voor elkaar achter. âWe zijn een hecht team en we hebben enorm veel steun aan elkaar.â

Met een flink deel van het personeel ook ziek is de druk op het overgebleven deel enorm. Gelukkig kwam de hulp van alle kanten. âWe krijgen ontzettend veel hulp: van mensen uit de wijk, van verpleegkundigen die vrijwillig hulp aanbieden, iedereen wil wel helpen.â Ook personeel van andere onderdelen van Manna springt bij, onder wie wijkverpleegkundigen.

Weinig afleiding
Op de drie âwoonkamersâ, drie afdelingen die bestaan uit een woonkamer met slaapkamers eromheen, heerst nu een serene rust. De verpleging zorgt voor activiteiten, samen lezen, tv-kijken, breien. Omdat er geen bezoek mag komen is er verder weinig afleiding. De bewoners, allemaal in gevorderde stadia van dementie, reageren verschillend op de vreemde situatie, zegt Ruth. âDe één vindt het bijvoorbeeld heel grappig hoe we eruit zien in onze pakken, de ander vindt het eng.â Steeds opnieuw uitleggen wat er aan de hand is is weinig zinvol. Het nieuws van buiten volgen de bewoners niet. âDat is te confronterend.â

Contact alleen in laatste fase

De Cypressenhof aan de Hengelosestraat bestaat uit een hoofdgebouw en een laagbouw ernaast waar partners van de cliënten wonen. Familie mag het gebouw niet in. âZe hebben al acht weken hun familie niet gezien. Dat is hartverscheurendâ, zegt verpleegkundige Ruth. âWe hebben twee medewerkers die zich daarvoor extra inzetten. Zij hebben onder andere een babbelbox gemaakt voor het raam en ze zorgen ervoor dat mensen kunnen skypen. Er zijn gelukkig een hoop mogelijkheden.â Toch is echt contact niet mogelijk. Behalve als het tijd is voor het afscheid. âIn de laatste fase mag familie afscheid nemen. Maar dan zijn de bewoners soms al niet meer aanspreekbaar.â

Verhaal als waarschuwing
Een lichtpuntje is dat er inmiddels wat bewoners aan de beterende hand zijn. Maar de weg is nog lang. Bestuurder André Kok wil het verhaal van zijn De Cypressenhof graag delen, ook als waarschuwing. âWant je merkt in de hele regio het gevoel dat het hier allemaal wel meevalt. De winkels gaan open, de kappers, mensen gaan weer naar de stad. Ze moeten echt voorzichtig zijn, want we zitten er hier nog middenin.â Dat is wat Ruth ook denkt als ze âs ochtends naar haar werk gaat. âHet wordt steeds drukker op straat. Dat is heel vreemd om te zien, heel gek. Want voor mijn gevoel begint het hier net.â

© Newsroom Enschede, de samenwerking tussen TC Tubantia en 1Twente Enschede. foto: Annina Romita