Enschede
Achtergrond
Video

Van vliegveld naar noodopvang: atoombunker wordt kledingwinkel

De transformatie heeft in luttele weken plaatsgevonden. Na de omstreden ‘aanwijzing’ van de regering is een deel de voormalige luchtmachtbasis vliegveld Twenthe omgetoverd tot noodopvang voor vluchtelingen. Commissaris van de Koning Andries Heidema en COA-bestuurslid Joeri Kapteijns werden donderdagmiddag rondgeleid door onder anderen Theo Bovens, nog even waarnemend burgemeester van Enschede.

Andries Heidema en Joeri Kapteijns ernst Bergboer
Commissaris van de Koning Andries Heidema en COA-bestuurder Joeri Kapteijns bij het werkbezoek aan de noodopvang voor vluchtelingen op Vliegveld Twenthe © Ernst Bergboer

Die transformatie komt voor een belangrijk deel op het conto van Vliegveld Twenthe Evenementenlocatie (VTE). Maar zowel VTE-directeur Marten Foppen als Heidema en Kapteijns wijzen op een uitstekende samenwerking met gemeente, organisaties in de stad en vrijwilligers. Lovende woorden en, inderdaad, het resultaat mag er zijn. Al blijft het een noodopvang: bed, bad en brood, en dat zo goed mogelijk.

Ook statushouders aangewezen op noodopvang

Inmiddels hebben zo’n driehonderd mensen onderdak gevonden in de Enschedese noodopvang. Onder hen een 140 Afghanen in gezinsverband, die na de machtsovername door de Taliban naar Nederland zijn gekomen. Zij hebben inmiddels een status en zijn gekoppeld aan gemeenten die huisvesting moeten regelen, maar de woningnood is hoog en AZC’s zitten overvol. Daardoor zijn ook zij aangewezen op noodopvang.

icon_main_info_white_glyph

Hoge nood in asielopvangland

Het COA heeft op dit moment 36.000 plekken, maar volgens COA-bestuurder Joeri Kapteijns zijn er dit jaar 42.000 nodig. Daarnaast huisvest het opvangorgaan 12.000 mensen met een verblijfsstatus, die eigenlijk een woning toegewezen zouden moeten krijgen.

Onder normale omstandigheden worden asielzoekers opgevangen in een AZC. Als de Immigratie en Naturalisatiedienst (IND) hen een verblijfsstatus toekent, worden zij gekoppeld aan een gemeente die huisvesting regelt. Met de huidige woningschaarste en de instroom aan vluchtelingen lukt dat maar moeizaam. Daarom zijn er noodopvanglocaties nodig, zoals op Vliegveld Twenthe.

Van riolering en verwarming tot voedselvoorziening

Basic bed, bad en brood of niet, de inrichting van zo’n noodopvang voor vijfhonderd mensen is een klus van jewelste. Logistiek, omdat een kaal terrein met gebouwen zonder voorzieningen moet worden omgebouwd tot een tijdelijk thuis waar het een beetje menselijk toeven is. Dat betekent de aanleg van riolering, water, sanitair en verwarming bijvoorbeeld. Maar ook de dagelijkse voedselvoorziening moet geregeld.

icon_main_quote_red_glyph

Incidenten niet bagatelliseren, er wat aan doen en zeggen wat je doet

Vertegenwoordiger van de groep omwonenden

De rondleiding voor Heidema en Kapteijns voerde onder meer langs een oude atoombunker, die is omgeturnd tot winkel voor kleding en speelgoed. Het assortiment bestaat uit spullen die zijn gedoneerd. Onder meer de opbrengst van de inzamelactie van ‘Onder de radar’ is hier terechtgekomen. Even verderop bevindt zich ‘het paviljoen’, een reusachtige tent waar een gemeenschapsruimte is ingericht.

Hier wordt gegeten, maar er staan ook een tafeltennis- en tafelvoetbaltafels en drie televisieschermen, en er is een spelletjes- en knutselhoek ingericht. Her en der zitten groepjes asielzoekers met elkaar te praten. Langs de wanden staan een paar warmteblazers te loeien. De verblijf- en slaapruimten zijn sober - voor vertier en gezelligheid zijn de bewoners van de opvang op dit paviljoen aangewezen.

Onderwijs en kappers

Maar ook de ‘zachte kant’, zoals Foppen het omschrijft, heeft aandacht. Inmiddels telt de bevolking van de noodopvang zo’n tien nationaliteiten, die allemaal zo hun eigen gebruiken en gewoonten hebben. Nu de eerste basisvoorzieningen zijn geregeld, is er ruimte om daar zo goed als dat kan aan tegemoet te komen. “De bewoners komen met ideeën en wensen en wij proberen daar naar te luisteren”, vertelt locatiemanager Henk Veldhuis. “Maar het blijft noodopvang, hè.”

Andries Heidema Ernst Bergboer
Andries Heidema, Commissaris van de Koning in Overijssel © Ernst Bergboer

Zo wordt er in de komende twee weken onderwijs voor kinderen geregeld. Dat geldt met name voor de kinderen uit de Afghaanse gezinnen die een verblijfstatus hebben. “Dat gaan we in het bijzijn van de moeders opzetten”, vertelt VTE-directeur Foppen.

Daarmee is het niet alleen makkelijker te organiseren, het biedt ook volwassen bewoners een nuttige bezigheid. Zo wordt ook de atoombunker-kledingwinkel door bewoners bemenst. “Er zitten ook een paar kappers tussen”, weet Foppen, “dus daar gaan we natuurlijk ook gebruik van maken.”

Kapteijns, die als bestuurder van het Centraal Orgaan Asielzoekers vaker met het bijltje ‘noodopvang’ heeft gehakt, is onder de indruk. “Het is echt heel knap hoe ze dit in zo’n kort tijdsbestek hebben gerealiseerd.”

‘Je kunt mensen niet op straat laten overnachten’

De noodopvang op het Enschedese vliegveld kwam niet zonder slag of stoot tot stand. Sterker: de regering greep naar een drukmiddel, erkent ook Commissaris van de Koning Andries Heidema. “Je probeert eerst op vrijwillige basis voldoende plek te vinden. Maar als dat op een gegeven moment niet voldoende oplevert, moet je wat druk gaan zetten. Je kunt mensen met Kerst niet op straat laten overnachten.”

De nood in asielopvangland was en is hoog. Dat de regering een ‘aanwijzing’ uit de kast haalde om vier gemeenten, waaronder Enschede, te dwingen opvang te regelen, vindt ook Heidema ongelukkig. “Dat heeft natuurlijk een nare bijsmaak gekregen. En het zet de bestuurlijke verhoudingen onder druk.”

Die ‘aanwijzing’ kwam van VVD-staatssecretaris Broekers-Knol, demissionair verantwoordelijk voor Asielzaken. Naar inmiddels is gebleken ontbrak de rechtsgrond voor een dergelijke regeringsopdracht. Broekers-Knol sprak op haar laatste dag als staatssecretaris dan ook van een ‘dringend verzoek’ van de regering.

Woordkeuze en drangmiddel

Heidema heeft, zo verduidelijkte hij vandaag, als Rijksvertegenwoordiger in de provincie een rol in dat proces. Hij is voorzitter van de regietafel, waar werd geprobeerd voldoende opvangplekken in Overijssel te vinden. Het was al enige tijd duidelijk dat dat niet ging lukken op basis van vrijwillige medewerking van gemeenten. “Dan is er enige drang nodig en dat heeft de staatssecretaris op deze manier gedaan.”

Volgens Heidema heeft het COA daarop met de staatssecretaris gekeken naar plekken die geschikt zouden zijn, waarbij ook de Enschedese locatie in beeld kwam. “Het is dan aan de regering om dan een knoop door te hakken. Die kiest daar deze woorden voor.”

icon_main_info_white_glyph

Vragen uit Staten van Overijssel over ‘schijnbevel’ van staatssecretaris

De fractie van Onafhankelijke Conservatieve Liberalen (OCL) in de Provinciale Staten heeft schriftelijke vragen gesteld aan Commissaris van de Koning Andries Heidema over de noodopvang in Enschede. Onder meer wordt Heidema gevraagd naar zijn mening over het ‘schijnbevel’ die de inmiddels vertrokken staatssecretaris Ankie Broekers-Knol deed om Enschede tot de opvang van 500 asielzoekers op de voormalige vliegbasis te dwingen. OCL vraagt of Heidema bij soortgelijke situaties in de toekomst gemeenten in Overijssel pro-actief wil bijstaan.

Enkele dagen voordat waarnemend burgemeester van Enschede Theo Bovens door Broekers-Knol op de hoogte werd gesteld van de aanwijzing, zaten de staatssecretaris en minister Kajsa Ollongren met alle commissarissen van de koning om de tafel. In dat gesprek werd de noodsituatie rondom de opvang van asielzoekers ter sprake gebracht. OCL wil van Andries Heidema weten of hij op de hoogte was dat het vliegveld als noodopvang zou worden aangewezen, welke rol hij in het gesprek heeft vervuld en of er vooraf contact is geweest over de mogelijke opvang van asielzoekers op Vliegveld Twenthe.

Wat Heidema betreft is het oordeel over die woordkeuze verder aan de Tweede Kamer. “Het was een urgente situatie, maar de vorm… daar kun je wel wat kanttekeningen bij plaatsen. Maar daar heb ik verder geen rol in.”

Heidema heeft begrip voor de boosheid die dat bij het bestuur van Enschede heeft gewekt, maar vindt het ‘knap’ dat daar overheen is gestapt en dat desondanks ‘in no time’ deze opvang is gerealiseerd.

Incidenten niet wegmoffelen

Een groepje bewoners pleit aan het eind van de rondleiding vooral voor duidelijke open communicatie. Incidenten hebben zich tot op heden nauwelijks voorgedaan, maar de komst van vijfhonderd vluchtelingen leidt hier en daar evengoed tot ongerustheid. Ook al omdat er, zoals Kapteijns het verwoordt, een recht op opvang geldt en geen plicht. De tijdelijke bewoners van de noodopvang zitten er niet opgesloten en kunnen van het terrein af.

Joeri Kapteijns Ernst Bergboer
Joeri Kapteijns, bestuurslid van het Centraal Orgaan Asielzoekers © Ernst Bergboer

Moffel incidenten niet weg, communiceer er open over en zeg wat je eraan doet - dat was de teneur.

‘Zo aantrekkelijk mogelijk’

Wel zijn er maatregelen getroffen om een beetje in de gaten te houden wie er komen en gaan, stelt VTE-directeur Foppen. “Er wordt bij de poort gevraagd waar mensen naartoe gaan en waarom. En we doen er alles aan om het hier zo aantrekkelijk mogelijk te maken.” Kapteijns voegt daar aan toe dat er asielprocedures lopen, waar voor de opgevangen vluchtelingen veel van afhangt. “Maar mensen kunnen besluiten om te vertrekken.”

Gegarandeerde sluiting op 30 juni

De noodopvang in Enschede sluit haar deuren uiterlijk op 30 juni. “Gegarandeerd”, verzekert VTE-directeur Foppen, met bijval van alle andere aanwezige beslissers. De vergunning loopt dan af, maar de evenementenorganisatie moet dan ook verder. Foppen: “Wij zijn een onderneming. En op deze plek beginnen dan de voorstellingen van ‘Hanna van Hendrik’.” De eerste in die reprise van het succesvolle theaterspektakel is op 8 juli.

Oplossingen om gezeul met mensen te voorkomen

Er moet een wonder gebeuren als er tegen die tijd voor alle vijfhonderd vluchtelingen uit de Enschedese noodopvang permanenter onderdak gevonden is. Zowel COA-bestuurslid Kapteijns als Heidema erkennen dat het gezeul met mensen van de ene opvanglocatie naar de andere voor niemand goed is. “We moeten een systeem bouwen met locaties die kunnen krimpen en groeien”, stelt Heidema. Hij ziet daarbij niet alleen tijdelijke huisvesting van asielzoekers voor zich, maar ook mogelijkheden voor andere groepen ‘spoedzoekers’.

Er lopen inmiddels subsidietrajecten in de provincie voor flexibele woonvormen, waarvan verschillende gemeenten al gebruik maken.


Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via mail of telefoon.